Art. 16. Het inplantingsplan dient duidelijk de bestaande en de voorziene toestand weer te geven, alsook de verschillende opnamepunten van de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 3°, indien nodig, door aparte plannen.
Voor de uitwerking van het inplantingsplan wordt de alfanumerieke referentiekaart, " Brussels UrbIS ", ter beschikking gesteld van het publiek door het Centrum voor Informatica voor het Brusselse Gewest (CIBG). Ze kan gratis worden gedownload op hun website.
Er bestaan drie types van inplantingsplannen (type A, type B, type C), met een verschillende samenstelling (groot, gemiddeld, klein) en vereist in functie van het type van beoogde handelingen en werken.
De drie types inplantingsplannen zijn de volgende :
1° Het inplantingsplan type A :
Het bestaat uit een inplantingsplan en uit doorsneden en/of opstanden opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 met vermelding van de relevante elementen die de beoordeling mogelijk maken van het project in zijn privé- en openbare nabije omgeving, zoals :
I. in een straal van tenminste 50 meter van het betrokken goed :
1. de noordpijl en de schaal,
2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming, de respectieve breedte van de rijweg, de voetpaden en de parkeerruimten, het tracé van de lijnen van het openbaar vervoer, haltes en toegangen alsook, in voorkomend geval, van de bomen en andere aanplantingen,
3. de buurtwegen,
4. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen en dakvorm),
II. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
1. de inrichtingen voor de openbare verlichting, de wegsignalisatie, technische installaties, stadsmeubilair en de hydranten,
2. de bestemming van de bouwwerken,
3. de aanduiding van de openingen en de overstekken van de naastliggende bouwwerken die naar de zijdelingse en achterste grenzen van het project gekeerd zijn,
4. het huidige en het voorzienereliëf, door middel van hoogtelijnen of -punten met een precisie van minimum 1 meter, met aanduiding van de ingeschreven maten van de ophogingen of uitgravingen ten opzichte van de naastliggende terreinen,
5. de beken, waterlopen, bronnen, watervlakken, vochtige gebieden of moerassen,
6. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort en de projectie op de grond van hun kroon,
III. voor het betrokken goed :
1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het goed met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de te behouden, af te breken en/of op te bouwen bouwwerken,
2. de afvoerbuizen voor afvalwater (met aanduiding van hun diepte),
3. de bestaande erfdienstbaarheden,
4. de voornaamste elementen (inplanting, ruimteprofiel) van het bijzonder bestemmingsplan en/of van de niet vervallen verkavelingsvergunning,
5. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
6. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen;
2° Het inplantingsplan type B :
Het betreft een inplantingsplan opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 en voorzien van de relevante elementen die de beoordeling van de integratie van het project mogelijk maken in zijn privé- en openbare nabije omgeving, zoals :
I. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
1. de noordpijl en de schaal,
2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming, de respectieve breedte van de rijweg, de voetpaden en de parkeerruimten, het tracé van de lijnen van het openbaar vervoer, haltes en toegangen alsook, in voorkomend geval, van de bomen en andere aanplantingen, van de inrichtingen voor de openbare verlichting, de wegsignalisatie, technische installaties en stadsmeubilair,
3. de buurtwegen,
4. de beken, waterlopen, bronnen, watervlakken, vochtige gebieden of moerassen,
5. het huidige en het voorzienereliëf, door middel van hoogtelijnen of -punten met een precisie van minimum 1 meter, met aanduiding van de ingeschreven maten van de ophogingen of uitgravingen ten opzichte van de naastliggende terreinen,
6. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen en dakvorm) en hun bestemming,
7. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort en de projectie op de grond van hun kroon.
8. de aanduiding van de openingen en de overstekken van de naastliggende bouwwerken die naar de zijdelingse en achterste grenzen van het project gekeerd zijn,
II. voor het betrokken goed :
1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het goed met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de te behouden, af te breken en/of op te bouwen bouwwerken,
2. de bestaande erfdienstbaarheden,
3. de voornaamste elementen (inplanting, ruimteprofiel) van het bijzonder bestemmingsplan en/of van de niet vervallen verkavelingsvergunning,
4. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
5. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen;
3° Het inplantingsplan type C :
Het betreft een inplantingsplan opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 met vermelding van de relevante elementen die de beoordeling mogelijk maken van het project in zijn privé- en openbare nabije omgeving, zoals :
I. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
1. de noordpijl en de schaal,
2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming en, in voorkomend geval, met vermelding van de bomen en andere aanplantingen, alsook van de inrichtingen voor de openbare verlichting, de wegsignalisatie, technische installaties van stadsmeubilair en haltes van openbaar vervoer,
3. de buurtwegen,
4. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen en dakvorm) en hun bestemming,
5. de aanduiding van de openingen en de overstekken van de naastliggende bouwwerken die naar de zijdelingse en achterste grenzen van het project gekeerd zijn,
II. voor het betrokken goed :
1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het goed met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de bouwwerken,
2. de bestaande erfdienstbaarheden,
3. de voornaamste elementen (inplanting, ruimteprofiel) van het bijzonder bestemmingsplan en/of van de niet vervallen verkavelingsvergunning,
4. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
5. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen,
6. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort en de projectie op de grond van hun kroon.
Art. 16. Le plan d'implantation doit faire apparaître clairement la situation existante et la situation projetée, ainsi que les différents endroits de prise de vue des photos significatives visées à l'article 5, 3°, au besoin, par des plans séparés.
Pour l'élaboration du plan d'implantation, la carte numérique de référence à grande échelle, " Brussels UrbIS ", est mise à la disposition du public par le Centre d'informatique pour la Région bruxelloise (CIRB). Elle est téléchargeable, gratuitement, sur leur site internet.
Il existe trois types de plan d'implantation (type A, type B, type C), à la composition différente (grande, moyenne, petite) et requis en fonction du type d'actes et travaux projetés.
Les trois types de plan d'implantation sont les suivants :
1° Le plan d'implantation de type A :
Il se compose d'un plan d'implantation et de coupes et/ou élévations dressées à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé, tels que :
I. dans un rayon de 50 mètres au moins du bien concerné :
1. l'orientation et l'échelle,
2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, de la largeur respective des chaussées carrossables, des trottoirs et des aires de stationnement, le tracé des lignes de transports publics, arrêts et accès ainsi que, le cas échéant, des arbres et autres plantations,
3. les chemins vicinaux,
4. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions et l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol et forme de la toiture),
II. pour le bien concerné et les biens contigus/à proximité :
1. les dispositifs d'éclairage public, de signalisation routière, d'installations techniques, de mobilier urbain et les hydrants,
2. la destination des constructions,
3. l'indication des baies et des saillies des constructions voisines faisant face aux limites latérales et postérieures du projet,
4. le relief actuel et le relief projeté, par courbes ou points à la précision du mètre d'altitude au moins, avec indications cotées des remblais ou déblais par rapport aux terrains voisins,
5. les ruisseaux, cours d'eau, sources, plans d'eau, zones humides ou marais,
6. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence et la projection au sol de leur couronne,
III. pour le bien concerné :
1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions à maintenir, à démolir et/ou à construire,
2. le réseau d'évacuation des eaux usées (avec indication de leur profondeur),
3. les servitudes existantes,
4. les éléments principaux (implantation, gabarit) du plan particulier d'affectation du sol et/ou du permis de lotir non périmé,
5. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
6. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux;
2° Le plan d'implantation de type B :
Il s'agit d'un plan d'implantation dressé à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé, tels que :
I. pour le bien concerné et les biens contigus/à proximité :
1. l'orientation et l'échelle,
2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, de la largeur respective des chaussées carrossables, des trottoirs et des aires de stationnement, le tracé des lignes de transports publics, arrêts et accès ainsi que, le cas échéant, des arbres et autres plantations, des dispositifs d'éclairage public, de signalisation routière, d'installations techniques et de mobilier urbain,
3. les chemins vicinaux,
4. les ruisseaux, cours d'eau, sources, plans d'eau, zones humides ou marais,
5. le relief actuel et le relief projeté, par courbes ou points à la précision du mètre d'altitude au moins, avec indications cotées des remblais ou déblais par rapport aux terrains voisins,
6. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions, l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol et forme de la toiture) et leur destination,
7. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence et la projection au sol de leur couronne,
8. l'indication des baies et des saillies des constructions voisines faisant face aux limites latérales et postérieures du projet,
II. pour le bien concerné :
1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions à maintenir et à démolir et/ou à construire,
2. les servitudes existantes,
3. les éléments principaux (implantation, gabarit) du plan particulier d'affectation du sol et/ou du permis de lotir non périmé,
4. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
5. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux;
3° Le plan d'implantation de type C :
Il s'agit d'un plan d'implantation dressé à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé, tels que :
I. pour le bien concerné et biens contigus/à proximité :
1. l'orientation et l'échelle,
2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, figurant, le cas échéant, les arbres et autres plantations, ainsi que les dispositifs d'éclairage public, de signalisation routière, d'installations techniques de mobilier urbain et arrêts de transports publics,
3. les chemins vicinaux,
4. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions, l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol et forme de la toiture) et leur destination,
5. l'indication des baies et des saillies des constructions voisines faisant face aux limites latérales et postérieures du projet,
II. pour le bien concerné :
1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions,
2. les servitudes existantes,
3. les éléments principaux (implantation, gabarit) du plan particulier d'affectation du sol et/ou du permis de lotir non périmé,
4. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
5. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux,
6. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence et la projection au sol de leur couronne.