Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
12 DECEMBER 2013. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de samenstelling van het dossier van de aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 12-03-2014 en tekstbijwerking tot 03-05-2021)
Titre
12 DECEMBRE 2013. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale déterminant la composition du dossier de permis d'urbanisme(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 12-03-2014 et mise à jour au 03-05-2021)
Informations sur le document
Numac: 2014031095
Datum: 2013-12-12
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2014031095
Date: 2013-12-12
Moniteur: Voir
Tekst (97)
Texte (97)
HOOFDSTUK I. - Algemeen
CHAPITRE Ier. - Généralités
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit bedoelt men met :
  1° " BWRO ", het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening, goedgekeurd bij besluit van de Regering van 9 april 2004 en bekrachtigd door de ordonnantie van 13 mei 2004;
  2° " Overlegcommissie " : de territoriaal bevoegde overlegcommissie bedoeld in artikel 9 van het BWRO;
  3° " DBDMH " : de Brusselse Hoofdstedelijke Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp opgericht bij ordonnantie van 19 juli 1990;
  4° " KCML " : de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen bedoeld in artikel 11 van het BWRO;
  5° " Vergunnende overheid " : bevoegde overheid voor het afleveren van de stedenbouwkundige vergunning.
  [1 6° "Hoogstammige boom": een boom waarvan de stam ten minste 40 centimeter omtrek heeft op 1,50 meter hoogte en die ten minste 4 meter hoog is.]1
  
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° " CoBAT ", le Code Bruxellois de l'Aménagement du Territoire, adopté par l'arrêté du Gouvernement du 9 avril 2004 et ratifié par l'ordonnance du 13 mai 2004;
  2° " Commission de concertation " : la commission de concertation territorialement compétente visée à l'article 9 du CoBAT;
  3° " SIAMU " : le Service d'Incendie et d'Aide Médicale Urgente de la Région de Bruxelles-Capitale créé par l'ordonnance du 19 juillet 1990;
  4° " CRMS " : la Commission royale des Monuments et des Sites visée par l'article 11 du CoBAT;
  5° " Autorité délivrante " : autorité compétente pour délivrer le permis d'urbanisme.
  [1 6° " Arbre à haute tige " : arbre dont le tronc mesure au moins 40 centimètres de circonférence à 1,50 mètre du sol, et qui atteint au moins 4,00 mètres. ]1
  
Art. 2. De stedenbouwkundige vergunningsaanvraag wordt ingediend via het daartoe voorziene formulier, conform het model van de bijlage 1. van dit besluit.
  De vergunnende overheid stelt de bijgevoegde documenten vermeld in dit besluit ter beschikking van de aanvrager [1 ter beschikking van de aanvrager]1.
  
Art. 2. La demande de permis d'urbanisme est introduite via le formulaire prévu à cet effet, conformément au modèle de l'annexe 1. du présent arrêté.
  L'autorité délivrante met à la disposition du demandeur [1 , notamment sur son site internet, ]1 les documents annexes visés au présent arrêté.
  
Art. 3. Dit besluit stelt de gemeenschappelijke bepalingen vast voor iedere vergunningsaanvraag en betreffende alle types van handelingen en werken alsook, voor elk type van handelingen en werken, de desbetreffende bijzondere bepalingen.
  [1 Onder voorbehoud van de hypothese zoals bedoeld in lid 4,]1 vergunningsaanvraag dient zowel te beantwoorden aan de gemeenschappelijke bepalingen vastgesteld in hoofdstuk II en aan de bijzondere bepalingen vastgesteld in hoofdstuk III toepasbaar op de handelingen en werken beoogd door de aanvrager [1 In geval van tegenspraak tussen de gemeenschappelijke bepalingen en de bijzondere bepalingen zijn deze laatste van toepassing.]1
  Wanneer een zelfde aanvraag betrekking heeft op handelingen en werken bedoeld in verschillende afdelingen van hoofdstuk III waarin afzonderlijke bijzondere bepalingen worden vastgelegd, dient deze te beantwoorden aan al deze bepalingen.
  Wanneer de aanvraag betrekking heeft op een beschermd of op de bewaarlijst ingeschreven goed of waarvoor de inschrijvings- of beschermingsprocedure geopend is, beantwoordt deze aan de gemeenschappelijke bepalingen van hoofdstuk II en aan de bijzondere bepalingen van hoofdstuk IV.
  [1 De krachtens dit besluit verzamelde informatie mag niet voor andere doeleinden worden gebruikt dan voor de uitoefening van hun bevoegdheden door de verschillende overheden.]1
  
Art. 3. Le présent arrêté détermine les dispositions communes à toute demande de permis d'urbanisme et concernant tous types d'actes et travaux ainsi que, pour chaque type d'actes et travaux, les dispositions particulières y relatives.
  [1 Sous réserve de l'hypothèse visée à l'alinéa 4,]1 demande de permis doit répondre à la fois aux dispositions communes fixées au chapitre II et aux dispositions particulières fixées au chapitre III applicables aux actes et travaux envisagés par le demandeur. [1 En cas de contrariété entre les dispositions communes et les dispositions particulières, ce sont ces dernières qui s'appliquent.]1
  Lorsqu'une même demande porte sur des actes et travaux visés par plusieurs sections du chapitre III fixant des dispositions particulières distinctes, elle doit répondre à l'ensemble de ces dernières.
  Lorsque la demande concerne un bien classé ou inscrit sur la liste de sauvegarde ou en cours de classement ou d'inscription, elle répond aux dispositions communes du chapitre II et aux dispositions particulières du chapitre IV.
  [1 Les informations récoltées en application du présent arrêté ne peuvent pas être utilisées à d'autres fins que l'exercice de leurs compétences par les autorités publiques.]1
  
Art. 4. Het aanvraagdossier van de stedenbouwkundige vergunning dient de relevante elementen te bevatten die de overheid toelaten om zich uit te spreken over de aanvraag met volledige kennis van zaken.
  In functie van de bijzonderheden van elk dossier kan de vergunnende overheid in de loop van de procedure bijkomende elementen vragen, zoals een aanvullende fotoreportage of documenten die de bestemming van het goed aantonen.
Art. 4. Le dossier de demande de permis d'urbanisme doit comprendre les éléments pertinents permettant à l'autorité de statuer sur la demande en pleine connaissance de cause.
  En fonction des spécificités de chaque dossier, l'autorité délivrante peut demander, en cours de procédure, des éléments supplémentaires, tels qu'un reportage photographique complémentaire ou des documents démontrant la destination d'un bien.
HOOFDSTUK II. - Gemeenschappelijke bepalingen
CHAPITRE II. - Dispositions communes
Afdeling 1. - In te dienen gemeenschappelijke documenten
Section 1re. - Documents communs à fournir
Art. 5. Het aanvraagdossier bevat steeds de volgende documenten :
  1° De vergunningsaanvraag, opgesteld op een formulier overeenkomstig bijlage 1. van dit besluit met een precisering van de type van de beoogde handelingen en werken en ondertekend door de aanvrager alsook door de architect indien deze is vereist, in vier exemplaren;
  2° Een verklarende nota waarin de voornaamste opties van het project worden gedetailleerd, in vier exemplaren.
  Indien de voorziene handelingen en werken elementen bevatten die de buurt kunnen schaden, moet de nota de geplande maatregelen ter vermijding van deze hinder vermelden;
  3° De relevante foto's, in vier exemplaren.
  De relevante foto's zijn recente foto's van het goed, van de aanpalende gebouwen en van de buurt die toelaten om de bestaande toestand en de stedenbouwkundige context waarin de aanvraag zich bevindt correct te evalueren.
  Deze foto's, minstens vier, zijn in kleur, hebben voldoende grote afmetingen en worden genummerd en ingediend op een document (gevouwen) op formaat DIN A4.
  De verschillende fotografische opnamepunten worden aangeduid op het in artikel 16 bedoelde inplantingsplan of, bij ontstentenis, op de uitvoeringsplannen;
  4° De plannen, in vier exemplaren.
  De gemeenschappelijke kenmerken van de verschillende plannen worden gepreciseerd in afdeling 3 van dit hoofdstuk.
  De in te dienen plannen, alsook hun eventuele bijzonderheden, worden bepaald in de verschillende afdelingen van hoofdstuk III met betrekking tot de verschillende types van beoogde handelingen en werken;
  5° De inlichtingen betreffende het eigendomsbewijs van het betrokken goed, afgeleverd overeenkomstig artikel 144 van het Wetboek van de successierechten door [1 de kantoren bevoegd voor de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie ]1 van het ambtsgebied waarin het goed gelegen is of, als de akte dateert van minder dan 6 maanden vóór het indienen van de aanvraag, een attest van de notaris die die akte heeft opgesteld, in twee exemplaren;
  6° Indien de vergunnende overheid dossierkosten eist op het moment van de indiening van de vergunningsaanvraag, het betalingsbewijs.
  
Art. 5. Le dossier de demande comprend toujours, les documents suivants :
  1° La demande de permis, rédigée sur un formulaire conforme à l'annexe 1. du présent arrêté précisant le type d'actes et travaux envisagés et signée par le demandeur ainsi que par l'architecte si celui-ci est requis, en quatre exemplaires;
  2° La note explicative détaillant les principales options du projet, en quatre exemplaires.
  Dans la mesure où les actes et travaux projetés comportent des éléments susceptibles de nuire au voisinage, la note reprendra les dispositions prévues pour y remédier;
  3° Les photos significatives, en quatre exemplaires.
  Les photos significatives sont des photos récentes du bien, des bâtiments contigus et du voisinage permettant d'évaluer correctement la situation existante et le contexte urbanistique dans lequel s'inscrit la demande.
  Au nombre de quatre minimum, elles sont en couleur, de dimensions suffisantes, numérotées et présentées sur un document (plié) au format DIN A4.
  Les différents endroits de prise de vue sont indiqués sur le plan d'implantation visé à l'article 16 ou, à défaut, sur les plans de réalisation;
  4° Les plans, en quatre exemplaires.
  Les caractéristiques communes des différents plans sont précisées dans la section 3 du présent chapitre.
  Les plans à fournir, ainsi que leurs éventuelles spécificités, sont déterminés dans les différentes sections du chapitre III relatif aux différents types d'actes et travaux projetés;
  5° Les renseignements relatifs au titre de propriété du bien en cause, délivrés conformément à l'article 144 du Code des droits de succession par [1 les bureaux compétents de l'Administration générale de la Documentation patrimoniale]1 du ressort dans lequel le bien est situé ou, si l'acte date de moins de 6 mois avant l'introduction de la demande, une attestation du notaire ayant établi cet acte, en deux exemplaires;
  6° Lorsque l'autorité délivrante requiert des frais de dossier simultanément à l'introduction de la demande de permis d'urbanisme, la preuve du paiement.
  
Art. 6. Het aanvraagdossier bevat desgevallend de volgende documenten :
  1° a) wanneer de aanvrager het goed niet bezit of geen zakelijk of persoonlijk bouwrecht heeft, een afschrift van de bekendmaking aan de eigenaar conform bijlage 2. van dit besluit, waarbij deze ingelicht wordt dat de aanvrager de intentie heeft een aanvraag betreffende zijn goed in te dienen, in twee exemplaren.
  Het document wordt hetzij ter kennisneming ondertekend door de eigenaar, hetzij vergezeld van het ontvangstbewijs van de aangetekende zending aan de eigenaar,
  b) wanneer het handelingen en werken betreft die betrekking hebben op de gemeenschappelijke delen van een mede-eigendom, een afschrift van de bekendmaking aan de mede-eigenaars, eventueel vertegenwoordigd door de syndicus, in twee exemplaren.
  Het document wordt hetzij ter kennisneming ondertekend door alle mede-eigenaars, of desgevallend door de syndicus, hetzij vergezeld van het ontvangstbewijs van de aangetekende zending;
  2° Wanneer de aanvraag wordt ingediend door een volmachthouder, een afschrift van het volmacht, in twee exemplaren;
  3° [1 Wanneer de aanvraag niet is vrijgesteld van het advies van de DBDMH:
   a) en ze wordt ingediend bij toepassing van artikel 330, § 3, van het BWRO: het advies van de DBDMH met een exemplaar van de door de DBDMH afgestempelde plannen;
   b) in de andere hypotheses: de documenten zoals bedoeld door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 4 april 2019 tot vaststelling van het formulier dat moet worden toegevoegd aan de aanvragen voor stedenbouwkundige en/of milieuattesten en -vergunningen en aan aanvragen voor verkavelingsvergunningen houdende de vereiste gegevens om de Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp in staat te stellen een advies af te leveren]1
;
  4° [2 Wanneer het vereist is door het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing van 2 mei 2013 of een van zijn uitvoeringsbesluiten, het EPB-voorstel, in viervoud;]2
  5° Wanneer de aanvraag onderworpen is aan een voorafgaande effectenbeoordeling in toepassing [1 van artikel 175/2 of 175/15]1 van het BWRO, de voorbereidende nota van de effectenstudie bedoeld in bijlage A van het BWRO of het effectenverslag bedoeld in bijlage B van het BWRO, naargelang het geval, in vier exemplaren;
  6° [1 Wanneer de aanvraag niet onderworpen is aan een voorafgaande effectenbeoordeling bij toepassing van artikel 175/2 of 175/15 van het BWRO, maar wel het voorwerp moet zijn van een passende effectenbeoordeling krachtens de ordonnantie van 1 maart 2012 betreffende het natuurbehoud, deze passende beoordeling, in viervoud]1;
  7° Wanneer de aanvraag betrekking heeft op een goed dat deel uitmaakt van categorie 0 in de inventaris van de bodemtoestand in de zin van artikel 3, 15° van de ordonnantie van 5 maart 2009 betreffende het beheer en de sanering van verontreinigde bodems en de beoogde handelingen en werken hetzij een uitgraving bevatten, hetzij van dien aard zijn dat ze een eventuele latere behandeling of controle van een bodemverontreiniging belemmeren, hetzij van dien aard zijn dat ze de blootstelling verhogen van personen of van het milieu aan de eventuele risico's veroorzaakt door een bodemvervuiling, een van de volgende documenten, in twee exemplaren :
  - de gelijkvormigheidsverklaring van een verkennend bodemonderzoek (VBO) in de zin van artikel 13, § 4 van deze ordonnantie,
  - de verbintenis om dit onderzoek te laten uitvoeren vóór de aflevering van de gevraagde stedenbouwkundige vergunning,
  8° Wanneer een bestemmingsplan of een stedenbouwkundige verordening dit oplegt, de gemotiveerde nota of ieder ander document dat vereist wordt door dit plan of deze verordening, in vier exemplaren.
  Deze nota kan worden geïntegreerd in de verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2°.
  9° Wanneer de aanvraag betrekking heeft op handelingen en werken op een afstand van minder dan 4 m van de hoge oever van een waterloop, de voorafgaande toestemming van de beheerder van de waterloop vereist door de Provinciale verordening van 30 januari 1955 betreffende de niet-bevaarbare waterwegen van de Provincie Brabant in haar artikel 32;
  [3 10° Wanneer de aanvraag wordt ingediend op basis van artikel 197/1 van het BWRO, elk document waarmee kan worden aangetoond dat de overeenkomstig voornoemd artikel nieuw gecreëerde sociale wooneenheden verworven zullen worden door de BGHM en/of een OVM.]3
  
Art. 6. Le dossier de demande comprend, le cas échéant, les documents suivants :
  1° a) lorsque le demandeur n'est pas propriétaire du bien ni titulaire d'un droit réel ou personnel de bâtir, une copie de l'avertissement au propriétaire, conforme à l'annexe 2. du présent arrêté, l'informant de l'intention du demandeur d'introduire une demande sur son bien, en deux exemplaires.
  Le document est soit signé par le propriétaire pour prise de connaissance, soit accompagné du récépissé de l'envoi recommandé au propriétaire,
  b) lorsqu'il s'agit d'actes et travaux portant sur les parties communes d'une copropriété, une copie de l'avertissement aux copropriétaires, représentés le cas échéant par le syndic, en deux exemplaires.
  Le document est soit signé, pour prise de connaissance, par tous les copropriétaires ou, le cas échéant, par le syndic, soit accompagné du récépissé de l'envoi recommandé;
  2° Lorsque la demande est introduite par un mandataire, une copie du mandat, en deux exemplaires;
  3° [1 Lorsque la demande n'est pas dispensée de l'avis du SIAMU :
   a) et qu'elle est introduite en application de l'article 330, § 3, du CoBAT : l'avis du SIAMU avec un exemplaire des plans cachetés par le SIAMU;
   b) dans les autres hypothèses : les documents prévus par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 4 avril 2019 arrêtant le formulaire à joindre aux demandes de certificats et de permis d'urbanisme et/ou d'environnement et aux demandes de permis de lotir contenant les informations requises pour permettre au Service Incendie et d'Aide médicale urgente de remettre son avis]1
;
  4° [2 Lorsqu'elle est requise par le Code bruxellois de l'Air, du Climat et de la Maîtrise de l'Energie du 2 mai 2013 ou un de ses arrêtés d'exécution, la proposition PEB, en quatre exemplaires ;]2
  5° Lorsque la demande est soumise à une évaluation préalable des incidences en application [1 de l'article 175/2 ou 175/15 ]1 du CoBAT, la note préparatoire à l'étude d'incidences visée à l'annexe A du CoBAT ou le rapport d'incidences visé à l'annexe B du CoBAT, selon le cas, en quatre exemplaires;
  6° [1 Lorsque la demande n'est pas soumise à une évaluation préalable des incidences en application de l'article 175/2 ou 175/15 du CoBAT, mais doit faire l'objet d'une évaluation appropriée des incidences en vertu de l'ordonnance du 1er mars 2012 relative à la conservation de la nature, cette évaluation appropriée, en quatre exemplaires]1;
  7° Lorsque la demande porte sur un bien repris en catégorie 0 à l'inventaire de l'état du sol au sens de l'article 3, 15° de l'ordonnance du 5 mars 2009 relative à la gestion et à l'assainissement des sols pollués et que les actes et travaux projetés soit comprennent une excavation, soit sont de nature à entraver un éventuel traitement ou contrôle ultérieur d'une pollution du sol, soit sont de nature à augmenter l'exposition des personnes ou de l'environnement aux risques éventuels engendrés par une pollution du sol, un des documents suivants, en deux exemplaires :
  - la déclaration de conformité d'une reconnaissance de l'état du sol (RES) au sens de l'article 13, § 4 de cette ordonnance,
  - l'engagement de produire cette reconnaissance avant la délivrance du permis d'urbanisme sollicité,
  8° Lorsqu'un plan d'affectation du sol ou un règlement d'urbanisme l'impose, la note motivée ou tout autre document exigé par ce plan ou règlement, en quatre exemplaires.
  Cette note peut être intégrée dans la note explicative visée à l'article 5, 2°.
  9° Lorsque la demande porte sur des actes et travaux à une distance à moins de 4 m du haut de la berge d'un cours d'eau, l'autorisation préalable du gestionnaire du cours d'eau requise par le Règlement provincial du 30 janvier 1955 sur les cours d'eau non navigables de la Province de Brabant dans son article 32;
  [3 10° Lorsque la demande est introduite sur base de l'article 197/1 du CoBAT, tout document permettant de démontrer que les logements sociaux nouvellement créés conformément à l'article précité seront acquis par la SLRB et/ou par une SISP.]3
  
Afdeling 2. - In te dienen bijkomende exemplaren van de documenten
Section 2. . - Exemplaires supplémentaires des documents à fournir
Art. 7. Wanneer de aanvraag onderworpen is [1 ...]1 aan het advies van de overlegcommissie, dienen v ijf bijkomende exemplaren van de volgende documenten te worden ingediend :
  1. de vergunningsaanvraag (bijlage 1.) bedoeld in artikel 5, 1°,
  2. de verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2°,
  3. de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 3°,
  4. de syntheseplannen bedoeld in artikel 19 of het geheel van de plannen bedoeld in artikel 5, 4° indien hun afmetingen het DIN A3- formaat niet overschrijden,
  5. in voorkomend geval, de voorbereidende nota van de effectenstudie of het effectenverslag bedoeld in artikel 6, 5°,
  6. in voorkomend geval, de passende beoordeling bedoeld in artikel 6, 6°,
  7. in voorkomend geval, de gemotiveerde nota of ander document, bedoeld in artikel 6, 8°,
  8. in voorkomend geval, de fotoreportage van de binnenkant bedoeld in artikelen 23, 5° et 27, 5°,
  9. in voorkomend geval, de fotomontage bedoeld in artikelen 32, 5°, 35, 5° en 53, 5°,
  10. in voorkomend geval, de afbeelding van de reclame bedoeld in artikel 32, 7°.
  
Art. 7. Lorsque la demande est soumise [1 ...]1 à l'avis de la commission de concertation, cinq exemplaires supplémentaires des documents suivants doivent être fournis :
  1. la demande de permis (annexe 1re.) visée à l'article 5, 1°,
  2. la note explicative visée à l'article 5, 2°,
  3. les photos significatives visées à l'article 5, 3°,
  4. les plans de synthèse visés à l'article 19 ou l'ensemble des plans visés à l'article 5, 4° si leurs dimensions ne dépassent pas le format DIN A3,
  5. s'il échet, la note préparatoire à l'étude d'incidences ou le rapport d'incidences visés à l'article 6, 5°,
  6. s'il échet, l'évaluation appropriée visée à l'article 6, 6°,
  7. s'il échet, la note motivée ou autre document,, visé à l'article 6, 8°,
  8. s'il échet, le reportage photographique intérieur visé aux articles 23, 5° et 27, 5°,
  9. s'il échet, le montage photos visé aux articles 32, 5°, 35, 5° et 53, 5°,
  10. s'il échet, le visuel de la publicité visé à l'article 32, 7°.
  
Art. 8. Wanneer de aanvraag, in het kader van de effectenbeoordelingen, een openbaar onderzoek in verschillende gemeenten vereist, dient een bijkomend exemplaar, per betrokken gemeente, van de documenten opgelijst in artikel 7 te worden ingediend.
Art. 8. Lorsque la demande nécessite, dans le cadre des évaluations des incidences, une enquête publique dans plusieurs communes, un exemplaire supplémentaire, par commune concernée, des documents listés à l'article 7 doit être fourni.
Art. 9. Wanneer de aanvraag aanleiding geeft tot de raadpleging van besturen of instellingen, dient per gevraagd advies een bijkomend exemplaar van volgende documenten te worden ingediend :
  1. de vergunningsaanvraag (bijlage 1.) bedoeld in artikel 5, 1°,
  2. de verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2°,
  3. de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 3°,
  4. het geheel van de plannen bedoeld in artikel 5, 4°,
  5. in voorkomend geval, het EPB-voorstel bedoeld in artikel 6,4°,
  6. in voorkomend geval, de voorbereidende nota van de effectenstudie of het effectenverslag bedoeld in artikel 6, 5°,
  7. in voorkomend geval, de passende beoordeling bedoeld in artikel 6, 6°,
  8. in voorkomend geval, de gemotiveerde nota of ander document, bedoeld in artikel 6, 8°,
  9. in voorkomend geval, de fotoreportage van de binnenkant bedoeld in artikelen 23, 5° et 27, 5°,
  10. in voorkomend geval, de fotomontage bedoeld in artikelen 32, 5°, 35, 5° en 53, 5°,
  11. in voorkomend geval, de afbeelding van de reclame bedoeld in artikel 32, 7°.
Art. 9. Lorsque la demande donne lieu à la consultation d'administrations ou instances, un exemplaire supplémentaire, par avis sollicité, des documents suivants doit être fourni :
  1. la demande de permis (annexe 1.) visée à l'article 5, 1°,
  2. la note explicative visée à l'article 5, 2°,
  3. les photos significatives visées à l'article 5, 3°,
  4. l'ensemble des plans visés à l'article 5, 4°,
  5. s'il échet, la proposition PEB visée à l'article 6,4°,
  6. s'il échet, la note préparatoire à l'étude d'incidences ou le rapport d'incidences visés à l'article 6, 5°,
  7. s'il échet, l'évaluation appropriée visée à l'article 6, 6°,
  8. s'il échet, la note motivée ou autre document, visé à l'article 6, 8°,
  9. s'il échet, le reportage photographique intérieur visé aux articles 23, 5° et 27, 5°,
  10. s'il échet, le montage photos visé aux articles 32, 5°, 35, 5° et 53, 5°,
  11. s'il échet, le visuel de la publicité visé à l'article 32, 7°.
Art. 10. Wanneer de aanvraag het advies van de KCML vereist, dienen twee bijkomende exemplaren van de documenten opgelijst in artikel 9 te worden ingediend.
Art. 10. Lorsque la demande nécessite l'avis de la CRMS, deux exemplaires supplémentaires des documents listés à l'article 9 doivent être fournis.
Art. 11. Wanneer het een aanvraag betreft voor een beschermd of op de bewaarlijst ingeschreven goed of voor een goed waarvoor de inschrijvings- of beschermingsprocedure geopend is zoals bedoeld in hoofdstuk IV, dienen een bijkomend exemplaar van de documenten opgelijst in artikel 9 en vijf exemplaren van de " erfgoeddocumenten " bedoeld in artikel 58, 5° van hoofdstuk IV, te worden ingediend.
Art. 11. Lorsqu'il s'agit d'une demande concernant un bien classé ou inscrit sur la liste de sauvegarde ou en cours de classement ou d'inscription visée au chapitre IV, un exemplaire supplémentaire des documents listés à l'article 9 et cinq exemplaires des " documents patrimoines " visés à l'article 58, 5° du chapitre IV, doivent être fournis.
Art. 12. Wanneer de aanvraag deel uitmaakt van de bevoegdheden van de gemachtigde ambtenaar, in toepassing van artikel [1 123/2]1 van het BWRO, en zich uitstrekt over het grondgebied van verschillende gemeenten, dienen, per betrokken gemeente, twee bijkomende exemplaren van de documenten opgelijst in artikel 9 te worden ingediend.
  
Art. 12. Lorsque la demande relève de la compétence du fonctionnaire délégué, en application de l'article [1 123/2]1 du CoBAT, et qu'elle s'étend sur le territoire de plusieurs communes, deux exemplaires supplémentaires, par commune concernée, des documents listés à l'article 9, doivent être fournis.
  
Art. 13. § 1 Indien zij het noodzakelijk acht en in functie van de bijzonderheden van het dossier, kan de vergunnende overheid bijkomende exemplaren eisen.
  § 2 De bijkomende exemplaren vereist met toepassing van deze afdeling kunnen worden ingediend op een elektronische drager die leesbaar is voor de vergunnende overheid.
  [1 Bij afwijking van het vorige lid moet de aanvrager bij zijn dossier een voor de vergunnende overheid leesbare digitale informatiedrager voegen waarop zich de overeenkomstig deze afdeling vereiste documenten bevinden, in de volgende gevallen:
   1° de aanvraag vereist de tussenkomst van een architect;
   2° de aanvraag wordt ingediend door een publiekrechtelijk rechtspersoon zoals bedoeld in artikel 123/2, § 1, 1°, van het BWRO;
   3° de aanvraag heeft betrekking op handelingen en werken van openbaar nut zoals bedoeld in artikel 123/2, § 1, 2°, van het BWRO;
   4° de aanvraag is onderworpen aan een voorafgaande effectenbeoordeling bij toepassing van artikel 175/2 of 175/15 van het BWRO of aan een passende effectenbeoordeling krachtens de ordonnantie van 1 maart 2012 betreffende het natuurbehoud;
   5° De aanvraag wordt aan het openbaar onderzoek onderworpen.]1

  
Art. 13. § 1 Si elle l'estime nécessaire et en fonction des spécificités du dossier, l'autorité délivrante peut exiger des exemplaires supplémentaires.
  § 2 Les exemplaires supplémentaires requis en application de la présente section peuvent être fournis sur un support informatique lisible par l'autorité délivrante.
  [1 En dérogation à l'alinéa précédent, le demandeur est tenu de joindre à son dossier un support informatique lisible par l'autorité délivrante sur lequel se trouvent les documents requis en application de la présente section, dans les hypothèses suivantes :
   1° la demande nécessite l'intervention d'un architecte;
   2° la demande est introduite par une personne de droit public visée à l'article 123/2, § 1er, 1°, du CoBAT;
   3° la demande concerne des actes et travaux d'utilité publique visés à l'article 123/2, § 1er, 2°, du CoBAT;
   4° la demande est soumise à une évaluation préalable des incidences en application de l'article 175/2 ou 175/15 du CoBAT ou à une évaluation appropriée des incidences en vertu de l'ordonnance du 1er mars 2012 relative à la conservation de la nature;
   5° La demande est soumise à enquête publique. ]1

  
Afdeling 3. - Gemeenschappelijke kenmerken van de plannen
Section 3. - Caractéristiques communes des plans
Art. 14. Alle plannen worden gevouwen opDIN A4-formaat met een verticale presentatie van het voorblad waarop het voorwerp van de aanvraag, de datum, de schaal, het nummer, de index en de benaming van de plannen, het adres van het goed, de gegevens van de aanvrager alsook van de architect indien deze vereist is, vermeld worden.
  De tekeningen worden van maten voorzien en gearceerd of gerasterd, volgens een register te vermelden in de legende. Ze geven, zonder onduidelijkheid en op een gecontrasteerde manier, de verschillende ingrepen weer (afbraken, bouwwerken, inrichtingen, ...) alsook de bestemmings- of gebruikswijzigingen van de lokalen.
  Alle plannen worden ondertekend door de aanvrager alsook door de architect indien deze vereist is.
Art. 14. Tous les plans sont pliés au format DIN A4 avec une présentation verticale du cartouche dans lequel sont mentionnés l'objet de la demande, la date, l'échelle, le numéro, l'indice et la dénomination des plans l'adresse du bien, les coordonnées du demandeur ainsi que de l'architecte si celui-ci est requis.
  Les dessins sont cotés et hachurés ou tramés, suivant un répertoire à reprendre en légende. Ils font apparaître, sans équivoque et de façon contrastée, les diverses interventions (démolitions, constructions, aménagements, ...) ainsi que les modifications de destination ou d'utilisation des locaux.
  Tous les plans sont signés par le demandeur ainsi que par l'architecte si celui-ci est requis.
Art. 15. Het liggingsplan laat toe om het goed nauwkeurig te situeren in het omliggende stadsweefsel.
  Het wordt opgemaakt op schaal tussen 1/10 000 en 1/1 000 en bevat de noordpijl.
  Voor de uitwerking van het liggingsplan wordt de alfanumerieke referentiekaart, " Brussels UrbIS ", ter beschikking gesteld van het publiek door het Centrum voor Informatica voor het Brusselse Gewest (CIBG). Ze kan gratis worden gedownload op hun website.
Art. 15. Le plan de localisation permet de situer précisément le bien dans le tissu urbain environnant.
  Il est dressé à une échelle comprise entre 1/10 000 et 1/1 000 et comporte l'orientation.
  Pour l'élaboration du plan de localisation, la carte numérique de référence à grande échelle, " Brussels UrbIS ", est mise à la disposition du public par le Centre d'informatique pour la Région bruxelloise (CIRB). Elle est téléchargeable, gratuitement, sur leur site internet.
Art. 16. Het inplantingsplan dient duidelijk de bestaande en de voorziene toestand weer te geven, alsook de verschillende opnamepunten van de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 3°, indien nodig, door aparte plannen.
  Voor de uitwerking van het inplantingsplan wordt de alfanumerieke referentiekaart, " Brussels UrbIS ", ter beschikking gesteld van het publiek door het Centrum voor Informatica voor het Brusselse Gewest (CIBG). Ze kan gratis worden gedownload op hun website.
  Er bestaan drie types van inplantingsplannen (type A, type B, type C), met een verschillende samenstelling (groot, gemiddeld, klein) en vereist in functie van het type van beoogde handelingen en werken.
  De drie types inplantingsplannen zijn de volgende :
  1° Het inplantingsplan type A :
  Het bestaat uit een inplantingsplan en uit doorsneden en/of opstanden opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 met vermelding van de relevante elementen die de beoordeling mogelijk maken van het project in zijn privé- en openbare nabije omgeving, zoals :
  I. in een straal van tenminste 50 meter van het betrokken goed :
  1. de noordpijl en de schaal,
  2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming, de respectieve breedte van de rijweg, de voetpaden en de parkeerruimten, het tracé van de lijnen van het openbaar vervoer, haltes en toegangen alsook, in voorkomend geval, van de bomen en andere aanplantingen,
  3. de buurtwegen,
  4. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen en dakvorm),
  II. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
  1. de inrichtingen voor de openbare verlichting, de wegsignalisatie, technische installaties, stadsmeubilair en de hydranten,
  2. de bestemming van de bouwwerken,
  3. de aanduiding van de openingen en de overstekken van de naastliggende bouwwerken die naar de zijdelingse en achterste grenzen van het project gekeerd zijn,
  4. het huidige en het voorzienereliëf, door middel van hoogtelijnen of -punten met een precisie van minimum 1 meter, met aanduiding van de ingeschreven maten van de ophogingen of uitgravingen ten opzichte van de naastliggende terreinen,
  5. de beken, waterlopen, bronnen, watervlakken, vochtige gebieden of moerassen,
  6. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort en de projectie op de grond van hun kroon,
  III. voor het betrokken goed :
  1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het goed met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de te behouden, af te breken en/of op te bouwen bouwwerken,
  2. de afvoerbuizen voor afvalwater (met aanduiding van hun diepte),
  3. de bestaande erfdienstbaarheden,
  4. de voornaamste elementen (inplanting, ruimteprofiel) van het bijzonder bestemmingsplan en/of van de niet vervallen verkavelingsvergunning,
  5. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
  6. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen;
  2° Het inplantingsplan type B :
  Het betreft een inplantingsplan opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 en voorzien van de relevante elementen die de beoordeling van de integratie van het project mogelijk maken in zijn privé- en openbare nabije omgeving, zoals :
  I. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
  1. de noordpijl en de schaal,
  2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming, de respectieve breedte van de rijweg, de voetpaden en de parkeerruimten, het tracé van de lijnen van het openbaar vervoer, haltes en toegangen alsook, in voorkomend geval, van de bomen en andere aanplantingen, van de inrichtingen voor de openbare verlichting, de wegsignalisatie, technische installaties en stadsmeubilair,
  3. de buurtwegen,
  4. de beken, waterlopen, bronnen, watervlakken, vochtige gebieden of moerassen,
  5. het huidige en het voorzienereliëf, door middel van hoogtelijnen of -punten met een precisie van minimum 1 meter, met aanduiding van de ingeschreven maten van de ophogingen of uitgravingen ten opzichte van de naastliggende terreinen,
  6. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen en dakvorm) en hun bestemming,
  7. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort en de projectie op de grond van hun kroon.
  8. de aanduiding van de openingen en de overstekken van de naastliggende bouwwerken die naar de zijdelingse en achterste grenzen van het project gekeerd zijn,
  II. voor het betrokken goed :
  1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het goed met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de te behouden, af te breken en/of op te bouwen bouwwerken,
  2. de bestaande erfdienstbaarheden,
  3. de voornaamste elementen (inplanting, ruimteprofiel) van het bijzonder bestemmingsplan en/of van de niet vervallen verkavelingsvergunning,
  4. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
  5. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen;
  3° Het inplantingsplan type C :
  Het betreft een inplantingsplan opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 met vermelding van de relevante elementen die de beoordeling mogelijk maken van het project in zijn privé- en openbare nabije omgeving, zoals :
  I. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
  1. de noordpijl en de schaal,
  2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming en, in voorkomend geval, met vermelding van de bomen en andere aanplantingen, alsook van de inrichtingen voor de openbare verlichting, de wegsignalisatie, technische installaties van stadsmeubilair en haltes van openbaar vervoer,
  3. de buurtwegen,
  4. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen en dakvorm) en hun bestemming,
  5. de aanduiding van de openingen en de overstekken van de naastliggende bouwwerken die naar de zijdelingse en achterste grenzen van het project gekeerd zijn,
  II. voor het betrokken goed :
  1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het goed met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de bouwwerken,
  2. de bestaande erfdienstbaarheden,
  3. de voornaamste elementen (inplanting, ruimteprofiel) van het bijzonder bestemmingsplan en/of van de niet vervallen verkavelingsvergunning,
  4. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
  5. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen,
  6. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort en de projectie op de grond van hun kroon.
Art. 16. Le plan d'implantation doit faire apparaître clairement la situation existante et la situation projetée, ainsi que les différents endroits de prise de vue des photos significatives visées à l'article 5, 3°, au besoin, par des plans séparés.
  Pour l'élaboration du plan d'implantation, la carte numérique de référence à grande échelle, " Brussels UrbIS ", est mise à la disposition du public par le Centre d'informatique pour la Région bruxelloise (CIRB). Elle est téléchargeable, gratuitement, sur leur site internet.
  Il existe trois types de plan d'implantation (type A, type B, type C), à la composition différente (grande, moyenne, petite) et requis en fonction du type d'actes et travaux projetés.
  Les trois types de plan d'implantation sont les suivants :
  1° Le plan d'implantation de type A :
  Il se compose d'un plan d'implantation et de coupes et/ou élévations dressées à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé, tels que :
  I. dans un rayon de 50 mètres au moins du bien concerné :
  1. l'orientation et l'échelle,
  2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, de la largeur respective des chaussées carrossables, des trottoirs et des aires de stationnement, le tracé des lignes de transports publics, arrêts et accès ainsi que, le cas échéant, des arbres et autres plantations,
  3. les chemins vicinaux,
  4. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions et l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol et forme de la toiture),
  II. pour le bien concerné et les biens contigus/à proximité :
  1. les dispositifs d'éclairage public, de signalisation routière, d'installations techniques, de mobilier urbain et les hydrants,
  2. la destination des constructions,
  3. l'indication des baies et des saillies des constructions voisines faisant face aux limites latérales et postérieures du projet,
  4. le relief actuel et le relief projeté, par courbes ou points à la précision du mètre d'altitude au moins, avec indications cotées des remblais ou déblais par rapport aux terrains voisins,
  5. les ruisseaux, cours d'eau, sources, plans d'eau, zones humides ou marais,
  6. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence et la projection au sol de leur couronne,
  III. pour le bien concerné :
  1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions à maintenir, à démolir et/ou à construire,
  2. le réseau d'évacuation des eaux usées (avec indication de leur profondeur),
  3. les servitudes existantes,
  4. les éléments principaux (implantation, gabarit) du plan particulier d'affectation du sol et/ou du permis de lotir non périmé,
  5. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
  6. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux;
  2° Le plan d'implantation de type B :
  Il s'agit d'un plan d'implantation dressé à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé, tels que :
  I. pour le bien concerné et les biens contigus/à proximité :
  1. l'orientation et l'échelle,
  2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, de la largeur respective des chaussées carrossables, des trottoirs et des aires de stationnement, le tracé des lignes de transports publics, arrêts et accès ainsi que, le cas échéant, des arbres et autres plantations, des dispositifs d'éclairage public, de signalisation routière, d'installations techniques et de mobilier urbain,
  3. les chemins vicinaux,
  4. les ruisseaux, cours d'eau, sources, plans d'eau, zones humides ou marais,
  5. le relief actuel et le relief projeté, par courbes ou points à la précision du mètre d'altitude au moins, avec indications cotées des remblais ou déblais par rapport aux terrains voisins,
  6. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions, l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol et forme de la toiture) et leur destination,
  7. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence et la projection au sol de leur couronne,
  8. l'indication des baies et des saillies des constructions voisines faisant face aux limites latérales et postérieures du projet,
  II. pour le bien concerné :
  1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions à maintenir et à démolir et/ou à construire,
  2. les servitudes existantes,
  3. les éléments principaux (implantation, gabarit) du plan particulier d'affectation du sol et/ou du permis de lotir non périmé,
  4. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
  5. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux;
  3° Le plan d'implantation de type C :
  Il s'agit d'un plan d'implantation dressé à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé, tels que :
  I. pour le bien concerné et biens contigus/à proximité :
  1. l'orientation et l'échelle,
  2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, figurant, le cas échéant, les arbres et autres plantations, ainsi que les dispositifs d'éclairage public, de signalisation routière, d'installations techniques de mobilier urbain et arrêts de transports publics,
  3. les chemins vicinaux,
  4. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions, l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol et forme de la toiture) et leur destination,
  5. l'indication des baies et des saillies des constructions voisines faisant face aux limites latérales et postérieures du projet,
  II. pour le bien concerné :
  1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions,
  2. les servitudes existantes,
  3. les éléments principaux (implantation, gabarit) du plan particulier d'affectation du sol et/ou du permis de lotir non périmé,
  4. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
  5. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux,
  6. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence et la projection au sol de leur couronne.
Art. 17. De uitvoeringsplannen dienen duidelijk de bestaande en de voorziene toestand weer te geven, indien nodig door afzonderlijke plannen.
  Tenzij anders vermeld, worden deze plannen opgemaakt op schaal 1/50 of 1/20.
  Voor de bouwwerken van meer dan 10 bovengrondse verdiepingen of met een gevelontwikkeling van meer dan 50 meter of met een grondoppervlakte van meer dan 2 500 m, kunnen deze plannen op schaal 1/100 [1 1/200]1 worden opgemaakt, voor zover de leesbaarheid van deze documenten hierdoor niet in het gedrang komt.
  [1 ...]1
  
Art. 17. Les plans de réalisation doivent faire apparaître clairement la situation existante et projetée, au besoin, par des plans séparés.
  Sauf mention contraire, ces plans sont dressés à l'échelle de 1/50 ou 1/20.
  Pour les constructions de plus de 10 niveaux hors sol ou de plus de 50 mètres de développement d'une façade ou de 2 500 m de superficie au sol, les plans peuvent être dressés à l'échelle de 1/100, [1 ou 1/200 ]1 pour autant que la lisibilité de ces documents n'en soit pas affectée.
  [1 ...]1
  
Art. 18. De detailplannen omvatten bepaalde punctuele of herhalende elementen van het project en worden opgemaakt op schaal 1/50, 1/20 of op een grotere schaal.
Art. 18. Les plans de détails se focalisent sur certains éléments ponctuels ou répétitifs du projet et sont dressés à l'échelle de 1/50, 1/20 ou à une échelle plus grande.
Art. 19. De syntheseplannen worden opgemaakt in DIN A3-formaat. Hun vormgeving dient te worden bestudeerd om de beste leesbaarheid toe te laten. Ze bevatten een legende en omvatten, voor de bestaande en de voorziene toestand, alle nodige plannen voor het duidelijke begrip van de aanvraag.
Art. 19. Les plans de synthèse sont dressés au format DIN A3. Leur présentation doit être étudiée pour permettre leur meilleure lisibilité. Ils comportent une légende et comprennent, en situation existante et projetée, tous les plans nécessaires à la bonne compréhension de la demande.
Afdeling 4. - Wijzigingsprocedures van de aanvraag of van de vergunning
Section 4. - Procédures de modification de la demande ou du permis
Onderafdeling 1. - Wijziging van de aanvraag in de loop van de procedure (neerlegging van wijzigingsplannen)
Sous-section 1re. - Modification de la demande en cours de procédure (dépôt de plans modifiés)
Art. 20. Wanneer de vergunningsaanvraag in de loop van de procedure wordt gewijzigd, [1 ...]1 preciseert de vergunnende overheid de bijkomende elementen die aan het dossier dienen te worden toegevoegd in functie van de kenmerken van de aangebrachte wijziging.
  De gewijzigde gedeelten dienen duidelijk te worden weergegeven.
  Het formulier van de vergunningsaanvraag (bijlage 1.) alsook de andere documenten waarvan de gegevens werden gewijzigd, dienen te worden aangepast.
  
Art. 20. Lorsque la demande de permis est modifiée en cours de procédure, [1 ...]1, l'autorité délivrante précise les éléments complémentaires à verser au dossier en fonction des caractéristiques de la modification apportée.
  Les parties modifiées doivent être identifiées clairement.
  Le formulaire de demande de permis (annexe 1re.) ainsi que les autres documents dont les données sont modifiées doivent être adaptés.
  
Onderafdeling 2. - Wijziging van de afgeleverde vergunning (stedenbouwkundige wijzigingsvergunning)
Sous-section 2. - Modification du permis délivré (permis d'urbanisme modificatif)
Art. 21. § 1 Wanneer een aanvraag tot wijzing van een afgeleverde stedenbouwkundige vergunning wordt ingediend, met toepassing van artikel 102/1 van het BWRO, komt de bestaande toestand overeen met de vergunde toestand in de afgeleverde vergunning en waarvan de wijziging wordt gevraagd.
  De samenstelling van het dossier van de aanvraag van een afgeleverde stedenbouwkundige vergunning wordt bepaald, in functie van de gevraagde handelingen en werken, door de bepalingen van dit besluit.
  De documenten ingediend bij de oorspronkelijke vergunningsaanvraag en die niet gewijzigd worden door het voorwerp van de aanvraag tot wijzigingsvergunning, dienen niet noodzakelijk te worden neergelegd bij de vergunnende overheid.
  De uitvoeringsplannen kunnen worden beperkt tot de plannen waarop de wijziging betrekking heeft. De gewijzigde gedeelten dienen duidelijk te worden weergegeven.
  § 2 In bepaalde omstandigheden die verband houden met de bijzonderheden van het project, zoals in het geval van overschrijding van drempels die speciale regelen van openbaarmaking tot gevolg hebben of een effectenbeoordeling, zal de toestand vergund in de oorspronkelijke vergunning in aanmerking dienen te worden genomen.
  § 3 In ieder geval wordt het EPB-voorstel opnieuw geanalyseerd door het gehele ontwerp zoals het werd gewijzigd opnieuw in overweging te nemen. Indien het verschilt van het oorspronkelijke voorstel, dan wordt het aangepaste EPB-voorstel toegevoegd bij de wijzigingsaanvraag.
Art. 21. § 1 Lorsqu''est introduite une demande de modification d'un permis d'urbanisme délivré, en application de l'article 102/1 du CoBAT, la situation existante correspond à la situation autorisée dans le permis délivré et dont la modification est sollicitée.
  La composition du dossier de demande de permis d'urbanisme modificatif est déterminée, en fonction des actes et travaux sollicités, par les dispositions du présent arrêté.
  Les documents fournis à l'occasion de la demande de permis initial, non modifiés par l'objet de la demande de permis modificatif, ne doivent pas être obligatoirement fournis à l'autorité délivrante.
  Les plans de réalisation peuvent être limités aux plans concernés par la modification. Les parties modifiées doivent être clairement identifiées.
  § 2 Dans certaines circonstances liées aux caractéristiques du projet, tel qu'en cas de dépassement de seuils entraînant des mesures particulières de publicité ou une évaluation des incidences o, la situation autorisée par le permis initial devra être prise en compte.
  § 3 Dans tous les cas, la proposition PEB est ré-analysée en reconsidérant l'ensemble du projet tel que modifié. Si elle diffère de la proposition initiale, la proposition PEB adaptée est jointe à la demande de modification.
HOOFDSTUK III. - Bijzondere bepalingen volgens het type van beoogde handelingen en werken
CHAPITRE III. - Dispositions particulières suivant le type d'actes et travaux projetés
Afdeling 1. - Bouw, heropbouw, verbouwing en/of plaatsing van een vaste inrichting
Section 1re. - Construction, reconstruction, transformation et/ou placement d'une installation fixe
Onderafdeling 1. - Bouw, heropbouw, verbouwing en/of plaatsing van een vaste inrichting met verplichte medewerking van een architect
Sous-section 1re. - Construction, reconstruction, transformation et/ou placement d'une installation fixe, avec l'intervention obligatoire d'un architecte
Art. 22. Deze onderafdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning voor de volgende handelingen en werken, die de verplichte medewerking van een architect vereisen : bouwen, heropbouwen, verbouwen, plaatsen van een vaste inrichting met of zonder wijziging van het bebouwd volume en/of van de bestemming/het gebruik.
  Wanneer de handelingen en werken bedoeld in het eerste lid voorafgaande afbraakwerken vereisen, worden deze gepreciseerd in de vergunningsaanvraag. Deze worden behandeld volgens de bepalingen van deze onderafdeling en niet volgens de bepalingen vastgelegd door afdeling 2.
Art. 22. La présente sous-section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux suivants, qui requièrent l'intervention obligatoire d'un architecte : construire, reconstruire, transformer, placer une installation fixe, avec ou sans modification du volume bâti et/ou de la destination/utilisation.
  Lorsque les actes et travaux visés au premier alinéa nécessitent des travaux préalables de démolition, ceux-ci sont précisés dans la demande de permis. Ils sont traités selon les dispositions de la présente sous-section et non par les dispositions fixées par la section 2.
Art. 23. Het aanvraagdossier met betrekking tot dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan
  a) type A, voor de handelingen en werken die een toename van het bebouwde volume tot gevolg hebben, in de diepte of in de hoogte, van meer dan drie meter tegenover de bestaande toestand,
  b) type B, voor de handelingen en werken die een toename van het bebouwde volume tot gevolg hebben, in de diepte of in de hoogte, minder dan of gelijk aan drie meter tegenover de bestaande toestand,
  c) type C, voor de handelingen en werken zonder wijziging van het bebouwde volume;
  3° De uitvoeringsplannen ter verduidelijking van de wijze waarop het project aansluit op de naastliggende bouwwerken of, meer algemeen, waarop het zich in de buurt integreert.
  Deze plannen bevatten :
  a) een plattegrond van alle verdiepingen nodig voor het duidelijke begrip van de aanvraag, met inbegrip van de kelderverdiepingen, met aanduiding van hun precieze bestemming, en van de daken.
  Ze duiden per verdieping, de diepte aan van de naastliggende bouwwerken alsook de verschillende hierna vermelde plaatsen van dwars- en langsdoorsneden.
  Wanneer de handelingen en werken betrekking hebben op woningen geven de plannen, voor ieder bewoonbaar lokaal, nauwkeurig de netto vloeroppervlakte, de netto lichtdoorlatende oppervlakte en de hoogte onder plafond weer,
  b) alle relevante dwars- en langsdoorsneden met vermelding van de verschillende hoogtematen ten opzichte van het natuurlijke peil van het terrein en van de weg.
  Ze dienen het mandelige profiel van de gebouwen en dat van de scheidingsmuren van de naastliggende gebouwen af te beelden alsook de maten van de verhogingen en/of verlengingen van de mandelige muren.
  Ze dienen eveneens het hoogtepeil onder de kroonlijst en het hoogtepeil van de nokbalken van het project en de naastliggende bouwwerken af te beelden.
  In het geval van wijziging van het reliëf van het natuurlijke terrein dienen de bestaande en voorziene grondpeilen op elke doorsnede te worden afgebeeld,
  c) alle opstanden, met duidelijke vermelding van de aard en de kleur van de zichtbare materialen, van elke gevel van de voorziene bouwwerken en, als het project een wijziging beoogt die zichtbaar is vanaf de openbare ruimte, minstens een betekenisvolle aanzet van de naastliggende gevels.
  Deze opstanden duiden de dikte van de stijlen, de verdeling, de materialen en de kleuren van het schrijnwerk aan,
  d) de rookafvoer- en de ventilatiekanalen alsook, behalve wanneer het project geen wijziging ervan voorziet, de afvoerbuizen voor het afvalwater, elke nuttige inlichting inzake de aansluiting op de riolering en op de leidingnetten voor drinkwater, gas, elektriciteit of andere ondergrondse voorzieningen en alle technische systemen die voor de omgeving hinderlijk kunnen zijn.
  e) in voorkomend geval de voorziene inrichtingen inzake veiligheid en gezondheid en de maatregelen om de rust in de buurt te vrijwaren;
  4° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  5° Een fotoreportage van de binnenkant, die als historische archivering kan dienen, wanneer de aanvraag de verwijdering inhoudt van opmerkelijke binnendecoratie, zoals lijstwerk, schoorstenen, marmer, lambrisering, parket, mozaïek, glas-in-loodramen, in twee exemplaren;
  6° Het statistisch NIS formulier, model I of model II, voorzien door het koninklijk besluit van 3 december 1962 dat een maandelijkse statistiek oplegt van de bouwvergunningen alsook van de aangevatte en voltooide bouwwerken gedurende die maand, in drie exemplaren;
  7° De axonometrie, wanneer deze vereist is krachtens artikel 6, 6° van het BWRO, in twee exemplaren.
Art. 23. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1re, du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation
  a) de type A, pour les actes et travaux entraînant une augmentation du volume bâti, en profondeur ou en hauteur, de plus de trois mètres par rapport à la situation existante,
  b) de type B, pour les actes et travaux entraînant une augmentation du volume bâti, en profondeur ou hauteur, inférieure ou égale à trois mètres par rapport à la situation existante,
  c) de type C, pour les actes et travaux sans modification du volume bâti;
  3° Les plans de réalisation mettent en évidence la façon dont le projet s'accorde aux constructions attenantes ou, plus largement, s'intègre au voisinage.
  Ces plans comprennent :
  a) une vue en plan de tous les niveaux nécessaires à la bonne compréhension de la demande, y compris les sous-sols, en indiquant leur destination précise, et des toitures.
  Ils indiquent, niveau par niveau, la profondeur des constructions voisines attenantes ainsi que les différents endroits de coupes transversales et longitudinales visées ci-après.
  Lorsque les actes et travaux portent sur des logements, les plans précisent, pour chaque local habitable, la superficie de plancher nette, la superficie éclairante nette et la hauteur sous plafond,
  b) toutes les coupes transversales et longitudinales significatives renseignant les différentes cotes de niveau tant par rapport au niveau naturel du terrain que de celui de la voirie.
  Elles doivent faire apparaître le profil mitoyen des bâtiments et celui des murs oeillères des constructions voisines attenantes ainsi que les cotes des rehaussements et/ou prolongements des murs mitoyens.
  Elles font également apparaître le niveau sous corniche et le niveau du faîte du projet et des constructions voisines.
  En cas de modification du relief du terrain naturel, les niveaux existants et projetés sont renseignés dans chaque coupe,
  c) toutes les vues en élévation, figurant avec précision la nature et la couleur des matériaux apparents de chacune des façades des constructions projetées et lorsque le projet porte sur une modification visible depuis l'espace public, au minimum une amorce significative des façades voisines.
  Ces élévations indiquent l'épaisseur des montants, la division, les matériaux et les couleurs du châssis,
  d) le système d'évacuation des fumées et de ventilation ainsi que, sauf lorsque le projet ne prévoit pas leur modification, le réseau d'évacuation des eaux usées, toute information utile en matière de raccordement à l'égout et aux réseaux de distribution d'eau potable, gaz, électricité ou autre réseau souterrain et tout dispositif technique quelconque pouvant constituer une nuisance pour le voisinage.
  e) le cas échéant, les dispositifs projetés en matière de sécurité et de salubrité ainsi que ceux destinés à assurer la tranquillité du voisinage;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  5° Un reportage photographique intérieur, à vocation de d'archivage historique, lorsque la demande implique la suppression de décors intérieurs remarquables, tels que moulures, cheminées, marbres, lambris, parquets, mosaïques, vitraux, en deux exemplaires;
  6° Le formulaire statistique INS, modèle I ou modèle II, prévu par l'arrêté royal du 3 décembre 1962 prescrivant une statistique mensuelle des permis de bâtir ainsi que des bâtiments commencés et des bâtiments achevés pendant le mois, en trois exemplaires;
  7° L'axonométrie, lorsqu'elle est requise en vertu de l'article 6, 6° du CoBAT, en deux exemplaires.
Onderafdeling 2. - Bouw, heropbouw, verbouwing en/of plaatsing van een vaste inrichting vrijgesteld van de verplichte medewerking van een architect
Sous-section 2. - Construction, reconstruction, transformation et/ou placement d'une installation fixe, dispensée de l'intervention obligatoire d'un architecte
Art. 24. Deze onderafdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning voor de niet-structurele handelingen en werken van bouw, heropbouw, verbouwing en/of plaatsing van een vaste inrichting, zoals de wijziging van het schrijnwerk, de wijziging van gevelbekleding zonder volumewijziging, de wijziging van kleur, de plaatsing of de wijziging van precieze elementen, zoals kroonlijst, afvoerpijp, borstwering, zonnetenten, schotelantennes, verlichting, camera's, hek, scheidingsmuurtje, niet bedoeld door de andere hoofdstukken van dit besluit en vrijgesteld van de verplichte medewerking van een architect bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 13 november 2008 tot bepaling van de handelingen en werken die vrijgesteld zijn van een stedenbouwkundige vergunning, van het advies van de gemachtigde ambtenaar, van de gemeente, van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, van de overlegcommissie alsook van de speciale regelen van openbaarmaking of van de medewerking van een architect.
Art. 24. La présente sous-section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux de construction, reconstruction, transformation et/ou placement d'une installation fixe, non structurels, tels que la modification de châssis, le changement de revêtement de façade sans modification de volume, le changement de couleur, le placement ou le changement d'éléments ponctuels, tels que corniche, descente d'eau, garde-corps, tentes solaires, antennes paraboliques, éclairage, caméras, grille, muret, non visés par les autres chapitres du présent arrêté et dispensés de l'intervention obligatoire d'un architecte par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 13 novembre 2008 déterminant les actes et travaux dispensés de permis d'urbanisme, de l'avis du fonctionnaire délégué, de la commune, de la Commission Royale des Monuments et des Sites, de la commission de concertation ainsi que des mesures particulières de publicité ou de l'intervention d'un architecte.
Art. 25. Het aanvraagdossier met betrekking tot dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° De uitvoeringsplannen waarop de ingrepen in hun rechtstreekse context worden afgebeeld.
  Bij wijziging van het schrijnwerk mogen de uitvoeringsplannen worden beperkt tot de opstanden van de gevel, waarbij de dikte van de stijlen van het schrijnwerk, de verdeling en de materialen en de kleuren worden aangeduid.
  Bij wijziging van de kleur van de gevel mogen de uitvoeringsplannen worden beperkt tot de opstanden van de gevel of een fotomontage van de voorziene gevel,
  Bij wijziging van de gevelbekleding mogen de uitvoeringsplannen worden beperkt tot de opstanden van de gevel, met aanduiding van de materialen en de kleuren;
  Bij iedere andere ingreep mogen de uitvoeringsplannen worden beperkt tot de plannen, doorsneden en opstanden van de desbetreffende verdiepingen;
  3° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden.
Art. 25. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1re, du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Les plans de réalisation faisant apparaître les interventions dans leur contexte direct.
  En cas de modification des châssis, les plans de réalisation peuvent être limités aux vues en élévation de la façade, indiquant l'épaisseur des montants du châssis, la division, les matériaux et les couleurs,
  En cas de modification de la couleur de façade, les plans de réalisation peuvent être limités aux vues en élévation de la façade ou un montage photos de la façade projetée,
  En cas de modification du revêtement de façade, les plans de réalisation peuvent être limités aux vues en élévation de la façade, indiquant les matériaux et les couleurs;
  En cas de toute autre intervention, les plans de réalisation peuvent être limités aux plans, coupes et élévation des niveaux concernés;
  3° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3.
Afdeling 2. - Afbraak zonder heropbouw
Section 2. - Démolition sans reconstruction
Art. 26. Deze afdeling is van toepassing op de vergunningsaanvragen betreffende de handelingen en werken van afbraak zonder heropbouw.
Art. 26. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux de démolition sans reconstruction.
Art. 27. Het aanvraagdossier met betrekking tot dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type B;
  3° De uitvoeringsplannen van het gedeelte van het goed waarop de afbraak betrekking heeft en zijn onmiddellijke omgeving, met :
  a) een plattegrond van alle verdiepingen, opstanden en doorsneden van het/de af te breken bouwwerk(en),
  b) het mandelige profiel van de zijgevels van de naastliggende bouwwerken,
  c) de plannen van heraanleg met de aanlegwijze van het terrein, de achteruitbouwstroken, de omheiningen en eventuele mandelige zijgevels,
  d) in voorkomend geval, de doorsneden waarop het huidige reliëf van het terrein en het voorziene profiel wordt afgebeeld, met aanduiding van de ingeschreven maten van de ophogingen of uitgravingen ten opzichte van de naastliggende terreinen;
  4° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  5° Een fotoreportage van de binnenkant, die als historische archivering kan dienen, wanneer de aanvraag de verwijdering inhoudt van opmerkelijke binnendecoratie, zoals lijstwerk, schoorstenen, marmer, lambrisering, parket, mozaïek, glas-in-loodramen, in twee exemplaren;
  6° Het statistisch NIS formulier, model I of model II, voorzien door het koninklijk besluit van 3 december 1962 dat een maandelijkse statistiek oplegt van de bouwvergunningen alsook van de aangevatte en voltooide bouwwerken gedurende die maand, in drie exemplaren;
Art. 27. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1, du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type B;
  3° Les plans de réalisation de la partie du bien concerné par la démolition et de ses abords immédiats, et comportant :
  a) une vue en plan de tous les niveaux, les élévations et les coupes de la construction ou des constructions à démolir,
  b) le profil mitoyen des pignons des constructions attenantes,
  c) les plans de réaménagement avec le mode d'aménagement du terrain, des zones de recul, des clôtures et des pignons mitoyens éventuels,
  d) le cas échéant, les coupes indiquant le relief actuel du terrain et le profil projeté, avec indications cotées des remblais ou déblais par rapport aux terrains voisins;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  5° Un reportage photographique intérieur, à vocation de d'archivage historique, lorsque la demande implique la suppression de décors intérieurs remarquables, tels que moulures, cheminées, marbres, lambris, parquets, mosaïques, vitraux, en deux exemplaires;
  6° Le formulaire statistique INS, modèle I ou modèle II, prévu par l'arrêté royal du 3 décembre 1962 prescrivant une statistique mensuelle des permis de bâtir ainsi que des bâtiments commencés et des bâtiments achevés pendant le mois, en trois exemplaires;
Afdeling 3. - Wijziging van de bestemming of van het gebruik van een bebouwd goed en/of wijziging van het aantal woningen
Section 3. . - Modification de la destination ou de l'utilisation d'un bien bâti et/ou modification du nombre de logements
Art. 28. Deze afdeling is van toepassing op de vergunningsaanvragen met betrekking tot de volgende handelingen : de wijziging van de bestemming of van het gebruik van een bebouwd goed en/of wijziging van het aantal woningen binnen een bestaand bouwwerk, dit alles zonder werken onderworpen aan stedenbouwkundige vergunning.
Art. 28. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes suivants : la modification de la destination ou de l'utilisation d'un bien bâti et/ou la modification du nombre de logements au sein d'une construction existante, le tout sans travaux soumis à permis d'urbanisme.
Art. 29. Het aanvraagdossier met betrekking tot dit type handelingen bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type C;
  3° Het uitvoeringsplan met :
  a) een plattegrond met de ingeschreven maten van alle verdiepingen waarop de wijziging van bestemming/gebruik van het gebouw of de wijziging van het aantal woningen betrekking hebben,
  Bij creatie van woningen geeft het plan voor ieder bewoonbaar lokaal nauwkeurig de netto vloeroppervlakte, de netto lichtdoorlatende oppervlakte en de hoogte onder plafond weer,
  b) in voorkomend geval, voor het duidelijke begrip van de aanvraag, een schematische plattegrond van de andere verdiepingen van het gebouw, met vermelding van hun bestemming/gebruik,
  c) de rookafvoer- en ventilatiekanalen alsook, behalve wanneer het project geen wijziging ervan voorziet, de afvoerbuizen voor het afvalwater, elke nuttige inlichting inzake de aansluiting op de riolering en op de leidingnetten voor drinkwater, gas, elektriciteit of andere ondergrondse voorzieningen en alle technische systemen die voor de omgeving hinderlijk kunnen zijn,
  d) in voorkomend geval de voorziene inrichtingen inzake veiligheid en gezondheid alsook deze om de rust in de buurt te vrijwaren;
  4° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  5° Het statistisch NIS formulier, [1 In het geval waarin een interventie van een architect vereist is]1 model I of model II, voorzien door het koninklijk besluit van 3 december 1962 dat een maandelijkse statistiek oplegt van de bouwvergunningen alsook van de aangevatte en voltooide bouwwerken gedurende die maand, in drie exemplaren.
  
Art. 29. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1, du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type C;
  3° Le plan de réalisation comprenant :
  a) une vue en plan cotée de tous les niveaux concernés par la modification de la destination/utilisation de l'immeuble ou par la modification du nombre de logements,
  En cas de création de logement, le plan précise, pour chaque local habitable, la superficie de plancher nette, la superficie éclairante nette et la hauteur sous plafond,
  b) le cas échéant, pour la bonne compréhension de la demande, une vue en plan schématique des autres étages de l'immeuble, indiquant leur destination/utilisation,
  c) le système d'évacuation des fumées et de ventilation ainsi que, sauf lorsque le projet ne prévoit pas leur modification, les réseaux d'évacuation des eaux usées, toute information utile en matière de raccordement à l'égout et aux réseaux de distribution d'eau potable, gaz, électricité ou autre réseau souterrain et tout dispositif technique quelconque pouvant constituer une nuisance pour le voisinage,
  d) le cas échéant, les dispositions projetées en matière de sécurité et de salubrité ainsi que celles destinées à assurer la tranquillité du voisinage;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  5° [1 Dans l'hypothèse où l'intervention d'un architecte est requise]1 le formulaire statistique INS, modèle I ou modèle II, prévu par l'arrêté royal du 3 décembre 1962 prescrivant une statistique mensuelle des permis de bâtir ainsi que des bâtiments commencés et des bâtiments achevés pendant le mois, en trois exemplaires.
  
Afdeling 4. - Plaatsing van een reclame-inrichting en/of een uithangbord of van reclame verwijzende naar het uithangbord
Section 4. - Placement de dispositif de publicité et/ou d'enseigne ou de publicité associée à l'enseigne
Art. 30. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning betreffende de volgende handelingen en werken : de plaatsing van reclame-inrichting en/of uithangbord(en) of reclame verwijzende naar uithangbord(en).
Art. 30. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux suivants : le placement de dispositif(s) de publicité et/ou le placement d'enseigne(s) ou de publicité(s) associée(s) à l'enseigne.
Onderafdeling 1. - Plaatsing van een reclame-inrichting
Sous-section 1re. - Placement de dispositif de publicité
Art. 31. Deze onderafdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de plaatsing van (een) reclame-inrichting(en).
Art. 31. La présente sous-section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant le placement de dispositif(s) de publicité.
Art. 32. Het aanvraagdossier betreffende dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type C, dat bovendien, in een straal van minstens 50 meter, de perceelsgrenzen, het huisnummer en de inplanting van de bouwwerken, het stadsmeubilair, alsook alle bestaande reclame-inrichtingen bevat;
  3° De uitvoeringsplannen, ter verduidelijking van de wijze waarop het project zich in de buurt integreert.
  Deze plannen bevatten tenminste een opstand en een doorsnede die de vorm, de grafische voorstelling, de afmetingen, de materialen en kleuren weergeven.
  Dit document vermeldt de bekendmakingstechniek, de bevestigingssystemen en, in voorkomend geval, de verlichtingssystemen;
  4° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  5° Naast de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 4° een fotomontage in kleur, die toelaat om de reclame-inrichting op het goed te visualiseren en om de integratie van het project in de nabije omgeving, zowel openbaar als privé, te evalueren, in vier exemplaren;
  6° Wanneer het reclame op werfomheiningen betreft, ieder verantwoordingsstuk voor het bestaan van de werf alsook de aard en de duur ervan, in twee exemplaren;
  7° Wanneer het een reclame op werfdekzeilen en/of reclame op vinyl of hiermee gelijkgesteld betreft, een afbeelding van de reclame alsook ieder verantwoordingsstuk voor het bestaan van de werf alsook de aard en de duur ervan, in vier exemplaren.
Art. 32. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1 du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type C, comprenant en outre, dans un rayon de 50 mètres au moins, le parcellaire, le numéro de police et l'implantation des constructions, le mobilier urbain, ainsi que tous les dispositifs de publicité existants;
  3° Les plans de réalisation, mettant en évidence la façon dont le projet s'intègre au voisinage.
  Ces plans comprennent, au moins, une vue en élévation et une coupe, figurant avec précision la forme, le graphisme, les dimensions, les matériaux et les couleurs.
  Ils font apparaître la technique d'annonce, les systèmes de fixation et, le cas échéant, d'éclairage;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  5° Outres les photos significatives visées à l'article 5, 4° un montage photos en couleur, permettant de visualiser le dispositif de publicité sur le bien et d'évaluer l'inscription du projet dans l'environnement proche, tant public que privé, en quatre exemplaires;
  6° Lorsqu'il s'agit de publicité sur clôtures de chantier, toute pièce justifiant l'existence du chantier ainsi que sa nature et sa durée, en deux exemplaires;
  7° Lorsqu'il s'agit d'une publicité sur bâche de chantier et/ou vinyle publicitaire ou assimilé, le visuel de la publicité ainsi que toute pièce justifiant l'existence du chantier ainsi que sa nature et sa durée, en quatre exemplaires.
Art. 33. In de verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° dient het concept van de installatie te worden gepreciseerd.
Art. 33. La note explicative visée à l'article 5, 2° précise également le concept de l'installation.
Onderafdeling 2. - Plaatsing van een uithangbord of van reclame verwijzende naar het uithangbord
Sous-section 2. - Placement d'enseigne ou de publicité associée à l'enseigne
Art. 34. Deze onderafdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de plaatsing van (een) uithangbord(en) of van reclame verwijzende naar het uithangbord.
Art. 34. La présente sous-section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant le placement d'enseigne(s) ou de publicité(s) associée(s) à l'enseigne.
Art. 35. Het aanvraagdossier betreffende dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° De uitvoeringsplannen, ter verduidelijking van de wijze waarop het project zich in de buurt integreert.
  Deze plannen bevatten tenminste een opstand en een doorsnede die de vorm, de grafische voorstelling, de afmetingen, de maatinschrijvingen nodig voor de plaatsing, de materialen en kleuren weergeven.
  De documenten vermelden de bekendmakingstechniek, de bevestigingssystemen en in voorkomend geval de verlichtingssystemen.
  Ze vermelden tevens het geheel van de geschematiseerde afmetingen in bijlage 3. van dit besluit;
  3° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  4° Naast de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 3° een fotomontage in kleur, die toelaat om het uithangbord of de reclame-inrichting verbonden aan het uithangbord te visualiseren op het goed en om de integratie van het project in de nabije omgeving, zowel openbaar als privé, te evalueren, in vier exemplaren;
Art. 35. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1, du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Les plans de réalisation, mettant en évidence la façon dont le projet s'intègre au voisinage.
  Ces plans comprennent, au moins, une vue en élévation et une coupe, figurant avec précision la forme, le graphisme, les dimensions, les cotations nécessaires pour son placement, les matériaux et les couleurs.
  Ils font apparaître la technique d'annonce, les systèmes de fixation et, le cas échéant, d'éclairage.
  Ils font également apparaître l'ensemble des dimensions schématisées dans l'annexe 3. du présent arrêté;
  3° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  4° Outre les photos significatives visées à l'article 5, 3° un montage photos, en couleur, permettant de visualiser l'enseigne ou le dispositif de publicité associé à l'enseigne sur le bien et d'évaluer l'inscription du projet dans l'environnement proche, tant public que privé, en quatre exemplaires;
Art. 36. De verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° preciseert tevens het concept van de installatie.
Art. 36. La note explicative visée à l'article 5, 2° précise également le concept de l'installation.
Afdeling 5. - Wijziging van de bestemming en/of het gebruik van een onbebouwd goed
Section 5. - Modification de la destination et/ou de l'utilisation d'un bien non bâti
Art. 37. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de wijzigingshandelingen van de bestemming of van het gebruik van een onbebouwd goed of van een niet bebouwd gedeelte van een bebouwd goed.
Art. 37. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes de modification de la destination ou de l'utilisation d'un bien non bâti ou d'une partie non bâtie d'un bien bâti.
Art. 38. Het aanvraagdossier betreffende dit type van handelingen bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type B, met precisering van de/het bestaande en voorziene bestemming/gebruik;
  3° De syntheseplannen, wanneer het inplantingsplan het DIN A3-formaat overschrijdt.
Art. 38. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1 du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type B, en précisant la destination/utilisation existante et projetée;
  3° Les plans de synthèse, lorsque le plan d'implantation dépasse le format DIN A3.
Afdeling 6. - Gebruik van een terrein voor opslag, voor het parkeren van voertuigen en voor de plaatsing van verplaatsbare inrichtingen
Section 6. - Utilisation d'un terrain pour le dépôt, pour le stationnement de véhicules et pour le placement d'installations mobiles
Art. 39. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de handelingen die gewoonlijk een terrein beogen te gebruiken voor :
  1° het opslaan van één of meer gebruikte voertuigen, van schroot, van materialen of afval;
  2° het parkeren van voertuigen, wagens of aanhangwagens voor reclamedoeleinden inbegrepen;
  3° het plaatsen van één of meer verplaatsbare inrichtingen die voor bewoning kunnen worden gebruikt, zoals woonwagens, kampeerwagens, afgedankte voertuigen, tenten.
Art. 39. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes visant à utiliser habituellement un terrain pour :
  1° le dépôt d'un ou plusieurs véhicules usagés, de mitraille, de matériaux ou de déchets;
  2° le stationnement de véhicules, en ce compris les véhicules ou remorques destinés à des fins publicitaires;
  3° le placement d'une ou de plusieurs installations mobiles pouvant être utilisées pour l'habitation, telles que roulottes, caravanes, véhicules désaffectés, tentes.
Art. 40. Het aanvraagdossier betreffende één van deze types van handelingen bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type B, met bovendien :
  a) de inplanting van de te plaatsen materialen, voertuigen of verplaatsbare installaties,
  b) de distributienetwerken van water, gas, elektriciteit en afvoerbuizen voor afvalwater, alsook brandkranen,
  c) de weergave van de aanplantingen en andere inrichtingen om de opslagplaats te verbergen;
  3° De syntheseplannen, wanneer het inplantingsplan het DIN A3-formaat overschrijdt.
Art. 40. Le dossier de demande relatif à l'un de ces types d'actes comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1 du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type B, comprenant en outre :
  a) l'implantation des matériaux, véhicules ou installations mobiles à placer,
  b) les réseaux de distribution d'eau, de gaz, d'électricité et d'évacuation des eaux usées, ainsi que des hydrants,
  c) l'indication des plantations et autres dispositifs prévus pour masquer le dépôt;
  3° Les plans de synthèse, lorsque le plan d'implantation dépasse le format DIN A3.
Art. 41. De verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° preciseert tevens, wanneer het de plaatsing betreft van één of meer verplaatsbare inrichtingen die voor bewoning kunnen worden gebruikt, zoals woonwagens, kampeerwagens, afgedankte voertuigen, tenten, de voorziene inrichtingen, hun aantal en de gebruiksfrequentie van het terrein.
Art. 41. La note explicative visée à l'article 5, 2° précise également, lorsqu'il s'agit du placement d'une ou de plusieurs installations mobiles pouvant être utilisées pour l'habitation, telles que roulottes, caravanes, véhicules désaffectés, tentes, les installations prévues, leur nombre et la fréquence d'utilisation du terrain.
Afdeling 7. [1 Ingrepen aan bomen gelegen buiten de weg]1
Section 7. [1 Interventions sur des arbres situés hors voirie ]1
Art. 42. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot [1 één of meerdere bomen tot doel hebben die niet aan de openbare weg staan en die beantwoorden een van volgende hypothese :
   1° hoogstammige boom die geveld of verplaatst moet worden, of waarop een ingreep gepland wordt die zijn overlevingskansen in gevaar brengt;
   2° boom die opgenomen werd in de inventaris van het onroerend erfgoed, bedoeld in artikel 207 van het BWRO]1
.
  [1 ...]1
  
Art. 42. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant [1 un ou plusieurs arbres situé(s) hors voirie et répondant à l'une des hypothèses suivantes :
   1° arbre à haute tige à abattre, à déplacer ou sur lequel est projetée toute intervention susceptible d'en mettre la survie en péril;
   2° arbre inscrit à l'inventaire du patrimoine immobilier visé à l'article 207 du CoBAT]1
.
  [1 ...]1
  
Art. 43. Het aanvraagdossier betreffende dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan opgemaakt op schaal 1/500, 1/200 of 1/100 met vermelding van de relevante elementen die de beoordeling mogelijk maken van het project in zijn privé- en openbare nabije omgeving :
  I. voor het betrokken goed en de aangrenzende/nabijgelegen goederen :
  1. de noordpijl en de schaal,
  2. het tracé van de wegen met vermelding van hun benaming en, in voorkomend geval, met vermelding van de bomen en andere aanplantingen,
  3. de perceelsgrenzen, het huisnummer, de inplanting van de bouwwerken en de aanduiding van het volume van de bouwwerken (aantal bovengrondse verdiepingen),
  II. voor het betrokken goed :
  1. het kadastraal nummer van het perceel, de grenzen van het terrein met ingeschreven maten, de inplanting met ingeschreven maten van de bouwwerken,
  2. de omheiningen en de aanleg van de koeren en tuinen en van de achteruitbouwstroken,
  3. de plaats van de parkeerruimten, de garages, de binnenwegen en de aansluiting ervan op het openbaar domein met vermelding van de aard van de gebruikte materialen,
  4. de plaats van de hoogstammige bomen waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen te behouden, te vellen en aan te planten bomen en de aanduiding van hun soort, de projectie op de grond van hun kroon en de omtrek van hun stam gemeten op 1,50m hoogte,
  5. de voorziene heraanleg- en/of herbeplantingsmaatregelen;
  3° De syntheseplannen, wanneer het inplantingsplan het DIN A3-formaat overschrijdt.
Art. 43. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1 du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation dressé à une échelle de 1/500, 1/200 ou 1/100 faisant figurer les éléments pertinents permettant d'évaluer le projet dans l'environnement proche, tant public que privé :
  I. pour le bien concerné et les biens contigus/à proximité :
  1. l'orientation et l'échelle,
  2. le tracé des voiries avec indication de leur dénomination, figurant, le cas échéant, les arbres et autres plantations,
  3. le parcellaire, le numéro de police, l'implantation des constructions, l'indication du volume des constructions (nombre de niveaux hors sol),
  II. pour le bien concerné :
  1. le numéro de la parcelle cadastrale, les limites cotées du terrain, l'implantation cotée des constructions,
  2. les clôtures et l'aménagement des cours et jardins et des zones de recul,
  3. l'emplacement des aires de stationnement, des garages, des voies intérieures de desserte et leur raccordement au domaine public en précisant la nature des matériaux utilisés,
  4. l'emplacement des arbres à haute tige, en distinguant ceux à maintenir, à abattre et à planter et en précisant leur essence, la projection au sol de leur couronne, et la circonférence de leur tronc mesurée à 1,50m de hauteur,
  5. les mesures de réaménagement et/ou de replantation prévues;
  3° Les plans de synthèse, lorsque le plan d'implantation dépasse le format DIN A3.
Art. 44. De verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° preciseert tevens het aantal te vellen bomen, hun soort, hun omtrek op 1,50 meter van de grond, hun veronderstelde leeftijd, de heraanlegmaatregelen en de beoogde periode voor het vellen.
Art. 44. La note explicative visée à l'article 5, 2° précise également le nombre d'arbres à abattre, leur essence, leur circonférence à 1,50 mètres du sol, leur âge supposé, les mesures de réaménagement et la période envisagée de l'abattage.
Afdeling 8. - Inrichting van een groene ruimte onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning, wijziging van het bodemreliëf, ontbossing en/of ontginning
Section 8. - Aménagement d'un espace vert soumis à permis d'urbanisme, modification du relief du sol, déboisement et/ou défrichement
Art. 45. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de volgende handelingen en werken :
  1° Een aan een stedenbouwkundige vergunning onderworpen groene ruimte inrichten;
  2° Het reliëf van de bodem aanzienlijk wijzigen;
  3° Ontbossen;
  4° Ontginnen of de vegetatie wijzigen van elk gebied waarvan de bescherming door de Regering nodig wordt geacht.
Art. 45. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux suivants :
  1° Aménager un espace vert soumis à permis d'urbanisme;
  2° Modifier sensiblement le relief du sol;
  3° Déboiser;
  4° Défricher ou modifier la végétation de toute zone dont le Gouvernement jugerait la protection nécessaire.
Art. 46. Wanneer de handelingen en werken meerdere types van werken betreffen bedoeld in punten 1° tot 4° van artikel 45, worden de bepalingen die hierop betrekking hebben samengevoegd.
Art. 46. Lorsque les actes et travaux concernent plusieurs types de travaux visés aux points 1° à 4° de l'article 45, les dispositions y relatives se cumulent.
Art. 47. Het aanvraagdossier met betrekking tot één van deze types van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type A voor de handelingen en werken met betrekking tot artikel 45, 1° en het inplantingsplan type B voor de handelingen en werken met betrekking tot artikel 45, 2°, 3°, 4°.
  Het inplantingsplan (A of B) bevat bovendien :
  a) in het geval van een inrichting van een groene ruimte, het tracé van de wegen met aanduiding van hun benaming, breedte, hellingen en materialen alsook de bomen en andere aanplantingen,
  b) in het geval van een aanzienlijke wijziging van het bodemreliëf, de grenzen van de gewijzigde zone met ingeschreven maten, alsook de desbetreffende hoogten en volumes,
  c) in het geval van een ontbossing, van een ontginning of van de wijziging van de vegetatie van elk gebied waarvan de bescherming door de Regering nodig wordt geacht, de afbakening van de vegetatiezones, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen de te behouden, te ontbossen, te ontginnen of te wijzigen zones en hun respectieve oppervlakten en het type van aanwezige vegetatie nauwkeurig wordt weergegeven (begroeiing, leeftijd en afmetingen);
  3° Voor de inrichting van een groene ruimte, de detailplannen die de specifieke elementen bevatten, zoals het stadsmeubilair, de verlichting, de speelpleinen, de voetpaden, de terrassen, de omheiningen, de aanplantingen;
  4° De syntheseplannen, wanneer de plannen het DIN A3-formaat overschrijden.
Art. 47. Le dossier de demande relatif à l'un de ces types d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1 du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type A pour les actes et travaux relatifs à l'article 45, 1° et le plan d'implantation de type B pour les actes et travaux relatifs à l'article 45, 2°, 3°, 4°.
  Le plan d'implantation (A ou B) comprend en outre :
  a) dans le cas de l'aménagement d'un espace vert, le tracé des chemins avec indication de leur dénomination, largeur, pentes et matériaux ainsi que les arbres et autres plantations,
  b) dans le cas d'une modification sensible du relief du sol, les délimitations cotées de la zone modifiée, ainsi que les hauteurs et volumes concernés,
  c) dans le cas d'un déboisement, d'un défrichage ou de la modification de la végétation de toute zone dont le Gouvernement jugerait la protection nécessaire, la délimitation des zones de végétation, en distinguant celles à maintenir, à déboiser, à défricher ou à modifier et en précisant leurs superficies respectives et le type de végétation présente (composition floristique, âge et dimensions);
  3° Pour l'aménagement d'un espace vert, les plans de détails figurant les éléments spécifiques, tels que le mobilier urbain, l'éclairage, les plaines de jeux, les sentiers, les terrasses, les clôtures, les plantations;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans dépassent le format DIN A3.
Art. 48. De verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° preciseert tevens :
  a) wanneer het aanzienlijke wijzigingswerken van het bodemreliëf betreft, de beoogde doelen, de aard van de te verwijderen grond en, naargelang het geval, de aard en de herkomst van de aan te voeren grond, de ligging van de grondwaterspiegel, alsmede de genomen maatregelen voor de beveiliging van de omliggende bouwwerken en beplanting,
  b) wanneer het ontbossingswerken betreft, de ouderdom van de houtopstand, het doel van de ontbossing en het project van heraanleg van het goed na de ontbossing alsook de ligging van de grondwaterspiegel en de invloed van de geplande ontbossing op de waterhuishouding wanneer het een omvangrijke ontbossing betreft,
  c) in geval van ontginningswerken of werken tot wijziging van de vegetatie van elk gebied waarvan de bescherming noodzakelijk wordt geacht door de Regering, de aard van de vegetatie, het doel van de werken en de geplande heraanleg na de werken alsook de ligging van de grondwaterspiegel en de invloed van de geplande ontginning of van de geplande wijziging van de vegetatie op de waterhuishouding wanneer deze handelingen omvangrijk zijn,
  d) wanneer de aanvraag het vellen van hoogstammige bomen betreft, het aantal te vellen bomen, hun soort, hun omtrek op 1,50 meter van de grond, hun veronderstelde leeftijd en de heraanlegmaatregelen.
Art. 48. La note explicative visée à l'article 5, 2° précise également :
  a) lorsqu'il s'agit de travaux de modification sensible du relief du sol, les buts poursuivis, la nature des terres à enlever, le cas échéant, la nature et l'origine des terres à amener, la situation de la nappe aquifère ainsi que les dispositions prises en ce qui concerne la protection des constructions et des plantations voisines,
  b) lorsqu'il s'agit de travaux de déboisement, l'âge du peuplement, le but du déboisement et le projet de réaménagement du bien après le déboisement ainsi que la situation de la nappe aquifère et les conséquences du déboisement projeté sur le régime hydrologique lorsqu'il s'agit de déboisement important,
  c) lorsqu'il s'agit de travaux de défrichement ou de modifications de la végétation dans toute zone dont le Gouvernement jugerait la protection nécessaire, la nature de la végétation, les motifs des travaux et le projet de réaménagement du bien après les travaux ainsi que la nappe aquifère et les conséquences du défrichement ou de la modification de la végétation projetés sur le régime hydrologique lorsque ces actes sont importants,
  d) lorsque la demande comporte des travaux d'abattage d'arbre(s) à haute tige, le nombre d'arbres à abattre, leur essence, leur circonférence à 1,50 mètres du sol, leur âge supposé et les mesures de réaménagement.
Afdeling 9. - Infrastructuur- en/of stedelijke inrichtingswerken onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning
Section 9. - Travaux d'infrastructure et/ou d'aménagement urbain soumis à permis d'urbanisme
Art. 49. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de volgende handelingen en werken :
  1° de aan een stedenbouwkundige vergunning onderworpen infrastructuurhandelingen en -werken, zoals het aanleggen, het wijzigen, of het afschaffen van wegen, bruggen, tunnels, bovengrondse parkeerplaatsen op het openbaar domein, spoorwegen, metro, hydraulische werken, rioleringen, kanalen, havens, geluidswerende inrichtingen en van de leidingen en installaties voor energie- en grondstoffenvervoer;
  2° de aan een stedenbouwkundige vergunning onderworpen handelingen en werken van stedelijke inrichting, zoals het vellen van bomen op de openbare weg, openbare verlichting, stadsmeubilair, kunstwerken, technische installaties.
Art. 49. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux suivants :
  1° les actes et travaux d'infrastructure soumis à permis d'urbanisme, tels que la création, la modification, ou la suppression de voiries, ponts, tunnels, parkings en surface sur le domaine public, voies ferrées, métro, ouvrages hydrauliques, égouts, canaux, ports, installations antibruit, les conduites et installations de transport d'énergie et de matières premières;
  2° les actes et travaux d'aménagement urbain soumis à permis d'urbanisme, tels que l'abattage d'arbres en voirie, l'éclairage public, le mobilier urbain, les oeuvres d'art, les installations techniques.
Art. 50. De verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° preciseert tevens :
  a) de beschrijving van de beoogde infrastructuur zowel op het fysisch vlak als op het vlak van de werking,
  b) de doelstellingen van de aanvraag in functie van de evolutie van de bestaande toestand,
  c) de beschrijving van het project en de invloed op de bestaande toestand.
Art. 50. La note explicative visée à l'article 5, 2° précise également :
  a) la description de l'infrastructure considérée tant sur le plan physique que sur le plan fonctionnel,
  b) les objectifs de la demande en fonction de l'évolution de la situation existante,
  c) la description du projet et ses effets sur la situation existante.
Art. 51. Het aanvraagdossier met betrekking tot één van deze types van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan met aanduiding van onder meer de noordpijl, de benaming en het administratief statuut van de aangrenzende wegen, de rijrichtingen en het tracé van de geplande werken;
  2° Het inplantingsplan type B op schaal 1/1000, 1/500, 1/200 of 1/100 waarop met name de leidingnetten voor drinkwater, gas, elektriciteit en de afvoerbuizen voor afvalwater, alsook telecom- en datakabels worden aangeduid, met vermelding van hun diepte, en de hydranten;
  3° De uitvoeringsplannen bevatten :
  a) een plattegrond op schaal 1/500 of 1/200, aangevuld met de kruispunten op schaal 1/200, waarbij de nadruk gelegd wordt op de wijze waarop het project bij de nabije omgeving past en zich meer algemeen in de buurt integreert, met aanduiding, zowel voor de bestaande toestand als voor het project, van :
  1. het reliëf door hoogtelijnen,
  2. de voorziene bestemming voor elk deel van de infrastructuur,
  3. de verschillende materialen,
  4. de plaats van te behouden, te planten en te vellen beplantingen met vermelding van de boomsoort wat deze laatste betreft,
  5. de elementen van het stadsmeubilair, de al dan niet lichtgevende signalisatie, de inrichtingen voor de openbare verlichting en de grondmarkeringen,
  b) de voor een goed begrip van het project noodzakelijke langs- en dwarsdoorsneden op schaal 1/500, 1/200, 1/100 of 1/50;
  c) de hellingen van de verschillende elementen van de infrastructuur worden op de in a) en b) bedoelde documenten vermeld. In voorkomend geval wordt het reliëf met hoogtelijnen aangeduid;
  4° De technische detailplannen die nodig zijn voor een goede begrip van het project;
  5° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden.
Art. 51. Le dossier de demande relatif à l'un de ces types d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1 du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation figurant notamment l'orientation, la dénomination des voiries contiguës et leur statut administratif, les sens de circulation ainsi que le tracé des travaux projetés;
  2° Le plan d'implantation de type B à une échelle de 1/1000, 1/500, 1/200 ou 1/100 figurant notamment les réseaux de distribution d'eau, de gaz, d'électricité, et d'évacuation des eaux usées, de câbles télécom/data avec indication de leur profondeur, et les hydrants;
  3° Les plans de réalisation comprenant :
  a) une vue en plan à une échelle de 1/500 ou de 1/200, complétée par les carrefours à une échelle de 1/200, mettant en évidence la façon dont le projet s'accorde à l'environnement immédiat et plus largement s'intègre au voisinage, et indiquant tant pour la situation existante que pour le projet :
  1. le relief par courbes de niveaux,
  2. la destination prévue pour chaque partie de l'infrastructure,
  3. les différents matériaux,
  4. l'emplacement des plantations en distinguant celles à maintenir, celles à planter et celles à abattre, en précisant l'essence de ces dernières,
  5. les éléments de mobilier urbain, la signalisation lumineuse ou non, les dispositifs d'éclairage public et les marquages au sol,
  b) les coupes longitudinales et transversales nécessaires à la bonne compréhension du projet à une échelle de 1/500, 1/200, 1/100 ou 1/50;
  c) les pentes des différents éléments de l'infrastructure sont indiquées sur les documents visés au a) et au b). Le cas échéant, le relief est indiqué par courbes de niveaux;
  4° Les plans de détails techniques nécessaires à la bonne compréhension du projet;
  5° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3.
Afdeling 10. - Plaatsing en/of wijziging van telecommunicatie-installaties
Section 10. - Placement et/ou modification d'installations de télécommunication
Art. 52. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de handelingen en werken voor de plaatsing en/of wijziging van telecommunicatie-installaties, zoals antennes en technische installaties en kasten verbonden aan de antennes, met uitzondering van de schotelantennes of vergelijkbare antennes bestemd voor de ontvangst van televisie-uitzendingen en voor privé-gebruik.
Art. 52. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux de placement et/ou de modification d'installations de télécommunication, telles que les antennes et les installations et armoires techniques liées aux antennes, à l'exclusion des antennes paraboliques ou assimilées destinées à la réception d'émission de télévision et à usage privé.
Art. 53. Het aanvraagdossier betreffende dit type van handelingen en werken bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 1 van dit besluit en de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type C, waarop duidelijk, in kleur, alle bestaande (in groen) en voorziene installaties (in rood) worden weergegeven.
  Wanneer de installatie gelegen is in de openbare ruimte bevat het inplantingsplan bovendien, in een straal van 50 meter, de perceelsgrenzen, het huisnummer, en de inplanting van de bouwwerken;
  3° De uitvoeringsplannen geven duidelijk, in kleur, alle bestaande (in groen) en voorziene installaties (in rood) weer. Ze worden bij voorkeur voorgesteld op DIN A3-formaat. Ze worden op een schaal opgemaakt die de beste leesbaarheid van het project toelaat.
  Ze bevatten :
  a) een plattegrond op schaal 1/50, 1/100 of 1/200 van alle betrokken verdiepingen, de ondergrondse verdiepingen inbegrepen, met duidelijke vermelding van de bestemming ervan, van het dak alsook van de zones palend aan de voorziene bouwwerken; deze plannen geven weer hoe elke verdieping, de daken en de aanleg op de grond kaderen in de naastliggende of omliggende gebouwen en duiden de verschillende plaatsen aan van de hierna bedoeld dwars- en langsdoorsneden,
  b) in voorkomend geval, de relevante dwars- en langsdoorsneden, op schaal 1/50, 1/100, 1/200 of 1/500, met vermelding van de verschillende hoogtematen zowel ten opzichte van het natuurlijke peil van het terrein als dat van de weg.
  Ze dienen het mandelige profiel van de gebouwen en dat van de scheidingsmuren van de naastliggende gebouwen af te beelden alsook de maten van de verhogingen en/of verlengingen van de mandelige muren.
  Ze dienen eveneens het hoogtepeil onder de kroonlijst en het hoogtepeil van de nokbalken van het project en de naastliggende bouwwerken af te beelden.
  Bij wijziging van het reliëf van het natuurlijke terrein dienen de bestaande en voorziene hoogtepeilen op elke doorsnede te worden vermeld,
  c) in voorkomend geval, de relevante dwars- en langsdoorsneden, op schaal 1/50, 1/100 of 1/200, waarbij de voorziene installaties beperkt tot de betrokken verdiepingen in detail worden weergegeven,
  d) alle opstanden, op schaal 1/50, 1/100, 1/200 of 1/500, met duidelijke vermelding van de aard en de kleur van de zichtbare materialen van elk van de voorziene installaties, de gevels van de desbetreffende gebouwen en, als het project wijziging beoogt die zichtbaar is vanaf de openbare ruimte, minstens het ruimteprofiel van de hoofdgevels van de naastliggende al dan niet aanpalende gebouwen. In deze documenten worden alle technische inrichtingen weergegeven die hinder zou kunnen vormen voor de buurt,
  e) wanneer de opstanden bedoeld in punt d) hierboven op schaal 1/500 worden opgemaakt, worden de gedeeltelijke plattegronden waarop de voorziene inrichtingen en hun inplanting in het gebouw in detail worden weergegeven, op schaal 1/50, 1/100 of 1/200 opgemaakt;
  4° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  5° Naast de relevante foto's bedoeld in artikel 5, 3° een fotomontage in kleur waarin duidelijk de integratie van de voorziene installatie op het desbetreffende goed en in zijn omgeving wordt weergegeven en die een gemakkelijke vergelijking toelaat met de foto's van de bestaande toestand, in vier exemplaren;
  6° De verklarende nota bedoeld in artikel 5, 2° bevat tevens een glossarium van de voornaamste technische termen die in de aanvraag worden gebruikt;
Art. 53. Le dossier de demande relatif à ce type d'actes et travaux comprend les documents communs visés au chapitre II, section 1re, du présent arrêté et les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type C, faisant apparaître clairement, en couleur, toutes les installations existantes (en vert) et projetées (en rouge)
  Lorsque l'installation est située en espace public, le plan d'implantation comprend, en outre, dans un rayon de 50 mètres, le parcellaire, le numéro de police et l'implantation des constructions
  3° Les plans de réalisation font apparaître clairement, en couleur, toutes les installations existantes (en vert) et projetées (en rouge). Ils sont présentés, de préférence, au format DIN A3. Ils sont dressés à une échelle permettant d'assurer la meilleure lisibilité du projet.
  Ils comprennent :
  a) une vue en plan, à l'échelle 1/50, 1/100 ou 1/200, de tous les niveaux concernés, y compris les sous-sols, en indiquant leur destination précise, des toitures ainsi que des zones contiguës aux constructions projetées; ces plans indiquent la façon dont chacun des niveaux, les toitures et les aménagements au sol se présentent par rapport aux édifices attenants ou voisins, ainsi que les différents endroits de coupes transversales et longitudinales visées ci-après,
  b) le cas échéant, les coupes globales transversales et longitudinales significatives, à l'échelle 1/50, 1/100, 1/200 ou 1/500, renseignant les différentes cotes de niveau tant par rapport au niveau naturel du terrain que de celui de la voirie.
  Elles doivent faire apparaître le profil mitoyen des bâtiments et celui des murs oeillères des constructions voisines attenantes ainsi que les cotes des rehaussements et/ou prolongements des murs mitoyens.
  Elles font également apparaître le niveau sous corniche et le niveau du faîte du projet et des constructions voisines.
  En cas de modification du relief du terrain naturel, les niveaux existants et projetés sont renseignés dans chaque coupe,
  c) le cas échéant, les coupes transversales et longitudinales significatives, à l'échelle 1/50, 1/100 ou 1/200, détaillant les installations projetées et limitées aux niveaux concernés,
  d) toutes les vues en élévation, à l'échelle 1/50, 1/100, 1/200 ou 1/500, figurant la nature et la couleur des matériaux apparents de chacune des installations projetées, les façades des biens concernés et, lorsque le projet porte sur une modification visible depuis l'espace public, au minimum le gabarit des façades principales des édifices bâtis voisins, attenants ou non. Ces documents font apparaître tout dispositif technique quelconque pouvant constituer une nuisance pour le voisinage,
  e) lorsque les vues en élévation visées au point d) ci-dessus sont dressées à l'échelle de 1/500, les vues en plan partielles détaillant les installations projetées et leur insertion sur le bâtiment, à l'échelle 1/50, 1/100 ou 1/200;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  5° Outre les photos significatives visées à l'article 5, 3° un montage photos en couleur faisant clairement apparaître l'insertion de l'installation projetée sur le bien concerné et dans son environnement et permettant la comparaison aisée avec les photos de la situation existante, en quatre exemplaire;
  6° La note explicative visée à l'article 5, 2° comprend également un glossaire des principaux termes techniques utilisés dans la demande;
Afdeling 11. - Plaatsing of wijziging van tijdelijke evenementele installaties en/of verbonden aan een werf
Section 11. - Placement ou modification d'installations temporaires événementielles et/ou liées à un chantier
Art. 54. Deze afdeling is van toepassing op de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning met betrekking tot de handelingen en werken voor de plaatsing of wijziging van volgende tijdelijke installaties :
  1° De tijdelijke installaties met sociaal, cultureel, recreatief of evenementeel, van een duur korter dan of gelijk aan één jaar;
  2° De tijdelijke installaties die nodig zijn voor de uitvoering van werken of nodig voor de voortzetting van activiteiten die niet meer kunnen worden uitgevoerd op een site wegens een bestaande werf, tijdens de duur van de werken en voor een maximale duur van zes jaar.
Art. 54. La présente section s'applique aux demandes de permis d'urbanisme concernant les actes et travaux de placement ou de modification d'installations temporaires suivantes :
  1° Les installations temporaires à caractère social, culturel, récréatif ou événementiel, d'une durée inférieure ou égale à un an;
  2° Les installations temporaires nécessaires à l'exécution d'un chantier ou nécessaires à la poursuite des activités qui ne peuvent plus être exercées sur un site en raison d'un chantier existant, pendant la durée du chantier et pour une durée maximale de six ans.
Art. 55. Het aanvraagdossier met betrekking tot één van deze types van handelingen en werken bevat de volgende plannen :
  1° Het liggingsplan;
  2° Het inplantingsplan type C, dat bovendien, in een straal van minstens 50 meter, de perceelsgrenzen, het huisnummer, en de inplanting van de bouwwerken en van het stadsmeubilair bevat;
  3° De uitvoeringsplannen ter verduidelijking van de wijze waarop het project zich in de buurt integreert en die minstens een opstand en een doorsnede bevatten die de vorm, de afmetingen, de materialen en de kleuren nauwkeurig weergeven;
  4° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden.
Art. 55. Le dossier de demande relatif à l'un de ces types d'actes et travaux comprend les plans suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Le plan d'implantation de type C, comprenant en outre, dans un rayon de 50 mètres, le parcellaire, le numéro de police et l'implantation des constructions et du mobilier urbain;
  3° Les plans de réalisation mettant en évidence la façon dont le projet s'intègre au voisinage et comprenant au moins une vue en élévation et une coupe figurant avec précision la forme, les dimensions, les matériaux et les couleurs;
  4° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3.
HOOFDSTUK IV. - Bijzondere bepalingen van toepassing op de aanvragen tot vergunningen betreffende een beschermd of op de bewaarlijst ingeschreven goed of waarvoor de inschrijvings- of beschermingsprocedure geopend is
CHAPITRE IV. - Dispositions particulières applicables aux demandes de permis concernant un bien classé ou inscrit sur la liste de sauvegarde ou en cours de classement ou d'inscription
Art. 56. Dit hoofdstuk is van toepassing op de vergunningsaanvragen [1 ...]1 die betrekking hebben op een beschermd goed of op de bewaarlijst ingeschreven goed of waarvoor de inschrijvings- of beschermingsprocedure geopend is.
  
Art. 56. Le présent chapitre s'applique aux demandes de permis [1 ...]1 qui concernent un bien classé ou inscrit sur la liste de sauvegarde ou en cours de classement ou d'inscription.
  
Art. 57. Het aanvraagdossier betreffende deze vergunningen bevat de gemeenschappelijke documenten bedoeld in hoofdstuk II van dit besluit en de specifieke documenten bedoeld [1 in artikel 58]1 van dit hoofdstuk.
  
Art. 57. Le dossier de demande relatif à ces permis comprend les documents communs visés au chapitre II du présent arrêté et les documents spécifiques visés [1 à l'article 58 ]1 du présent chapitre.
  
Art. 58. Het aanvraagdossier bevat de volgende specifieke documenten :
  1° Het liggingsplan;
  2° De uitvoeringsplannen;
  3° De syntheseplannen, wanneer de uitvoeringsplannen het DIN A3-formaat overschrijden;
  4° De documenten bedoeld in hoofdstuk III van dit besluit, wanneer de aanvraag betrekking heeft op handelingen en werken die hierin vermeld worden.
  Voor het specifieke geval van niet-structurele handelingen en werken bedoeld in artikel 24 van dit besluit, die niet zijn vrijgesteld van de medewerking een architect enkel en alleen doordat de aanvraag een beschermd goed betreft, ingeschreven op de bewaarlijst of waarvoor de inschrijvings- of beschermingsprocedure geopend is, is de samenstelling van het aanvraagdossier van hoofdstuk III, afdeling 1, onderafdeling 2 van toepassing;
  5° De volgende " erfgoeddocumenten " voor de ingrepen die de gedeelten die specifiek door de beschermingsmaatregel worden vermeld of die hierop een weerslag hebben, en in functie van hun relevantie :
  a) een intentienota waarin het voorwerp en de doelstellingen van de ingrepen worden verduidelijkt en de restauratieprincipes en -opties worden gedefinieerd, en, in voorkomend geval, een actie- en faseringsplan van de ingrepen,
  b) de voorstudies, d.w.z. :
  1. een beschrijving van de uiterlijke toestand van het goed en van de waargenomen ongeordendheden. In voorkomend geval wordt deze beschrijving gevormd door relevante overzichten, volledige inventarissen, fotoreportages en/of -overzichten,
  2. een historische, wetenschappelijke, technische en materiële analyse met betrekking tot de gedeelten van het goed waarop de handelingen en werken betrekking hebben,
  3. een stabiliteitsstudie, wanneer de handelingen en werken de stabiliteit kunnen aantasten,
  c) wanneer de schaal van de uitvoeringsplannen niet nauwkeurig genoeg is, plannen met :
  1. een nauwkeurige staat van de architecturale elementen of bestaande vegetatie bij vervanging, ontmanteling of wijziging van deze elementen,
  2. uitvoeringsdetails die de precieze ligging en het volume van elke categorie werken of ingrepen weergeven,
  d) een beschrijving van de werken en van de geplande technieken.
  Elke categorie werken dient te worden gelokaliseerd en hernomen te worden onder een apart rangnummer.
  Binnen iedere categorie van werken dient iedere post te worden gelokaliseerd, en hernomen worden onder een apart nummer en zo nauwkeurig mogelijk worden omschreven voor wat betreft :
  1. de aard van de gebruikte materialen of vegetatie,
  2. de aangewende technieken,
  3. de hoeveelheden te gebruiken materiaal of vegetatie. De aan te wenden hoeveelheden moeten nauwkeurig bepaald worden. Vermoedelijke hoeveelheden kunnen slechts vermeld worden indien de nauwkeurige bepaling afhangt van de voorafgaande uitvoering van belangrijke werken.
Art. 58. Le dossier de demande comprend les documents spécifiques suivants :
  1° Le plan de localisation;
  2° Les plans de réalisation;
  3° Les plans de synthèse, lorsque les plans de réalisation dépassent le format DIN A3;
  4° Les documents visés au chapitre III du présent arrêté, lorsque la demande porte sur des actes et travaux qui y sont visés.
  Pour le cas spécifique d'actes et travaux non structurels visés à l'article 24 du présent arrêté, qui ne sont pas dispensés de l'intervention d'un architecte du seul fait que la demande concerne un bien classé, inscrit sur la liste de sauvegarde ou en cours de classement ou d'inscription, la composition du dossier de demande du chapitre III, section 1re, sous-section 2 est d'application;
  5° Les documents " patrimoine " suivants, pour les interventions portant sur les parties spécifiquement visées par la mesure de protection ou ayant une incidence sur celles-ci, et en fonction de leur pertinence :
  a) une note d'intentions explicitant l'objet et les objectifs des interventions et définissant les principes et les options de restauration, et, le cas échéant un plan d'action et de phasage des interventions,
  b) les études préliminaires, c'est-à-dire :
  1. une description de l'état physique du bien et des désordres constatés. Le cas échéant, cette description est constituée par des relevés pertinents, des inventaires exhaustifs, des reportages et/ou des relevés photographiques,
  2. une analyse historique, scientifique, technique et matérielle relative aux parties du bien concernées par les actes et travaux,
  3. une étude de la stabilité, lorsque les actes et travaux sont susceptibles d'y porter atteinte,
  c) lorsque l'échelle des plans de réalisation n'est pas assez précise, des plans comprenant :
  1. un relevé précis des éléments architecturaux ou de végétation existants en cas de remplacement, démontage ou modification de ces éléments,
  2. des détails d'exécution indiquant l'emprise et la localisation exacte de chaque catégorie de travaux ou d'interventions,
  d) une description des travaux et des techniques prévues.
  Chaque catégorie de travaux doit être localisée et reprise sous un numéro d'ordre distinct.
  Au sein de chaque catégorie de travaux, chaque poste doit être localisé, repris sous un numéro d'ordre distinct et décrit avec la plus grande précision possible en ce qui concerne :
  1. la nature des matériaux ou végétaux mis en oeuvre,
  2. les techniques utilisées,
  3. les quantités de matériaux ou végétaux mises en oeuvre. Les quantités à mettre en oeuvre doivent être déterminées avec exactitude. Des quantités présumées pourront être indiquées seulement si leur détermination précise dépend de l'exécution préalable de travaux importants.
HOOFDSTUK IVBIS. [1 HOOFDSTUK IVbis: BIJZONDERE BEPALINGEN TOEPASSELIJK OP DE VEREENVOUDIGDE AANVRAGEN VAN STEDENBOUWKUNDIGE REGULARISATIEVERGUNNING ]1
CHAPITRE IVbis [1 DISPOSITIONS PARTICULIERES APPLICABLES AUX DEMANDES DE PERMIS D'URBANISME DE REGULARISATION SIMPLIFIEES ]1
Art. 58/1. [1 Dit hoofdstuk is toepasselijk op de aanvragen van vergunningen die worden ingediend bij toepassing van artikel 330, § 3, van het BWRO. ]1
Art. 58/1. [1 Le présent chapitre s'applique aux demandes de permis introduites en application de l'article 330, § 3, du CoBAT.]1
Art. 58/2. [1 Ter aanvulling van de toepasselijke eisen van de hoofdstukken II en III omvat het in dit hoofdstuk bedoelde dossier een nota, vergezeld van bewijskrachtige elementen, die toelaat het bewijs te leveren van de datum van uitvoering van de handelingen en werken of, ten minste, aan te tonen dat deze handelingen en werken zijn uitgevoerd vóór 1 januari 2000. ]1
Art. 58/2. [1 Complémentairement aux exigences applicables des chapitres II et III, le dossier visé au présent chapitre comprend une note, accompagnée d'éléments probants, permettant de démontrer la date de réalisation des actes et travaux ou, à tout le moins, de démontrer que ces actes et travaux sont intervenus avant le 1er janvier 2000. ]1
Art. 58/3. [1 Bij afwijking van de eisen van de hoofdstukken II en III omvat het dossier van vergunning zoals bedoeld in het huidige hoofdstuk niet:
Art. 58/3. [1 En dérogation aux exigences des chapitres II et III, le dossier de permis visé au présent chapitre ne comprend pas :
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen
CHAPITRE V. - Dispositions finales
Art. 59. Dit besluit bevat 3 bijlagen :
  1. BIJLAGE 1. : Aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning,
  2. BIJLAGE 2. : Bekendmaking aan de (mede-) eigenaar(s) van een goed van de intentie om een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning in te dienen,
  3. BIJLAGE 3. : Geschematiseerde afmetingen van de uithangborden (=informatief document).
Art. 59. Le présent arrêté contient 3 annexes :
  1. ANNEXE 1re. : Demande de permis d'urbanisme,
  2. ANNEXE 2. : Avertissement au(x) (co)propriétaire(s) d'un bien de l'intention d'introduire une demande de permis d'urbanisme,
  3. ANNEXE 3. : Dimensions schématisées des enseignes (=document informatif).
Art. 60. Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 17 januari 2002 dat de samenstelling bepaalt van het dossier van de aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning, gewijzigd bij Regeringsbesluit van 11 april 2003, wordt opgeheven.
Art. 60. L'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 17 janvier 2002 déterminant la composition du dossier de demande de permis d'urbanisme, modifié par l'arrêté du Gouvernement du 11 avril 2003, est abrogé.
Art. 61. Dit besluit is toepasbaar op iedere aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning ingediend vanaf de dag van zijn inwerkingtreding.
Art. 61. Le présent arrêté est applicable à toute demande de permis d'urbanisme introduite à partir du jour de son entrée en vigueur.
Art. 62. Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand die volgt op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
Art. 62. Le présent arrêté entre en vigueur le premier jour du deuxième mois qui suit celui de sa publication au Moniteur belge.
Art. 63. De Minister bevoegd voor Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Monumenten en Landschappen, wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 63. Le Ministre qui a l'Aménagement du territoire, l'Urbanisme et les Monuments et Sites dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. [1 Bijlage 1. - Aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning]1
Art. N1. [1 Annexe 1. - Demande de permis d'urbanisme]1
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 03-05-2021, p. 42072)
  
   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 03-05-2021, p. 42060)
  
Art. N2. Bijlage 2. - Bekendmaking aan de (mede-)eigenaar(s) van een goed van intentie om een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning in te dienen
  (Formulier niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 12-03-2014, p. 21183)
Art. N2. Annexe 2. - Avertissement au(x) (co)propriétaire(s) d'un bien de l'intention d'introduire une demande de permis d'urbanisme
  (Formulaire non repris pour des raisons techniques, voir M.B. du 12-03-2014, p. 21184)
Art. N3. Bijlage 3. - Schematische voorstelling van de afmetingen van het uithangbord (= informatief document)
  (Uithangbord niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 12-03-2014, p. 21185)
Art. N3. Annexe 3. - Dimensions schématisée des enseignes (=document informatif)
  (Enseigne non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 12-03-2014, p. 21185)