Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
14 MAART 2005. - Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel 29, § 4, van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers.
Titre
14 MARS 2005. - Arrêté royal portant exécution de l'article 29, § 4, de l'arrêté royal n° 50 du 24 octobre 1967 relatif à la pension de retraite et de survie des travailleurs salariés.
Informations sur le document
Numac: 2005022253
Datum: 2005-03-14
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2005022253
Date: 2005-03-14
Moniteur: Voir
Tekst (3)
Texte (3)
Artikel 1. Een herwaardering van het maandelijks pensioenbedrag van 2 % wordt toegekend :
  1° op 1 september 2005, aan de gerechtigden op een pensioen in de regeling voor werknemers dat daadwerkelijk en voor de eerste maal is ingegaan na 31 december 1996 en vóór 1 januari 1998;
  2° op 1 september 2006, aan de gerechtigden op een pensioen in de regeling voor werknemers dat daadwerkelijk en voor de eerste maal is ingegaan na 31 december 1997 en vóór 1 januari 2000.
  Wanneer het een overlevingspensioen betreft, is voor de toepassing van het voorgaande lid het in aanmerking te nemen ingangsjaar het jaar tijdens hetwelk het rustpensioen van de overleden echtgenoot daadwerkelijk en voor de eerste maal is ingegaan wanneer deze op het ogenblik van zijn overlijden dit pensioen genoot.
Article 1. Une revalorisation de 2 % du montant mensuel de la pension est allouée :
  1° le 1er septembre 2005, aux bénéficiaires d'une pension de travailleur salarié qui a pris cours effectivement pour la première fois après le 31 décembre 1996 et avant le 1er janvier 1998;
  2° le 1er septembre 2006, aux bénéficiaires d'une pension de travailleur salarié qui a pris cours effectivement pour la première fois après le 31 décembre 1997 et avant le 1er janvier 2000.
  Lorsqu'il s'agit d'une pension de survie, l'année de prise de cours à prendre en considération pour l'application de l'alinéa précédent, est celle durant laquelle a pris cours effectivement et pour la première fois la pension de retraite du conjoint décédé, lorsque celui-ci était bénéficiaire de cette pension au moment de son décès.
Art. 2. In geval van gelijktijdig genot van meerdere door de Rijksdienst voor pensioenen uitbetaalde werknemerspensioenen, volstaat het dat voor één van deze voldaan is aan de voorwaarden bedoeld in artikel 1 opdat het in hetzelfde artikel vermelde percentage zou toegepast worden op de bedragen van de werknemerspensioenen verschuldigd voor de betrokken maand, op voorwaarde dat deze bedragen betaalbaar zijn :
  1° op 31 augustus 2005, voor de herwaardering op 1 september 2005 bedoeld in artikel 1, eerste lid, 1°;
  2° op 31 augustus 2006, voor de herwaardering op 1 september 2006 bedoeld in artikel 1, eerste lid, 2°.
  Indien de pensioenen die voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 1, eerste lid, 1°, op 1 januari 2002, 1 januari 2003 of 1 april 2004, ingevolge het gelijktijdig genot met één of meerdere pensioenen ingegaan vóór 1 januari 1997, al een verhoging van in totaal 2 % hebben gekregen, worden ze op 1 september 2005 niet verhoogd. Wanneer deze pensioenen ingevolge het gelijktijdig genot met één of meerdere pensioenen ingegaan vóór 1 januari 1993 enkel op 1 januari 2003 een verhoging van 1 % hebben gekregen, worden ze op 1 september 2005 met 1 % verhoogd zodat ze in totaal de herwaardering van 2 % krijgen.
  Indien de pensioenen die voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 1, eerste lid, 2°, op 1 januari 2002, 1 januari 2003, 1 april 2004 of 1 september 2005, ingevolge het gelijktijdig genot met één of meerdere pensioenen ingegaan vóór 1 januari 1998, al een verhoging van in totaal 2 % hebben gekregen, worden ze op 1 september 2006 niet verhoogd. Wanneer deze pensioenen ingevolge het gelijktijdig genot met één of meerdere pensioenen ingegaan vóór 1 januari 1993 enkel op 1 januari 2003 een verhoging van 1 % hebben gekregen, worden ze op 1 september 2006 met 1 % verhoogd zodat ze in totaal de herwaardering van 2 % krijgen.
Art. 2. En cas de bénéfice de plusieurs pensions de salariés payées par l'Office national des pensions, il suffit que l'une d'elles satisfasse aux conditions prévues à l'article 1er pour que le pourcentage mentionné à ce même article soit appliqué sur les montants des pensions de salariés dus pour le mois en question, à condition que ces montants soient payables :
  1° le 31 août 2005, pour la revalorisation au 1er septembre 2005 visée à l'article 1er, alinéa 1er, 1°;
  2° le 31 août 2006, pour la revalorisation au 1er septembre 2006 visée à l'article 1er, alinéa 1er, 2°.
  Si les pensions qui satisfont aux conditions prévues à l'article 1er, alinéa 1er, 1°, aux 1er janvier 2002, 1er janvier 2003 ou 1er avril 2004, par suite du bénéfice simultané avec une ou plusieurs pensions ayant pris cours avant le 1er janvier 1997, ont déjà reçu une augmentation de 2 % au total, elles ne seront pas augmentées au 1er septembre 2005. Si ces pensions, par suite du bénéfice simultané avec une ou plusieurs pensions ayant pris cours avant le 1er janvier 1993, n'ont reçu, au 1er janvier 2003, qu'une augmentation d'1 %, elles seront augmentées d'1 % au 1er septembre 2005 de façon à recevoir au total la revalorisation de 2 %.
  Si les pensions qui satisfont aux conditions prévues à l'article 1er, alinéa 1er, 2°, aux 1er janvier 2002, 1er janvier 2003, 1er avril 2004 ou 1er septembre 2005, par suite du bénéfice simultané avec une ou plusieurs pensions ayant pris cours avant le 1er janvier 1998, ont déjà reçu une augmentation de 2 % au total, elles ne seront pas augmentées au 1er septembre 2006. Si ces pensions, par suite du bénéfice simultané avec une ou plusieurs pensions ayant pris cours avant le 1er janvier 1993, n'ont reçu, au 1er janvier 2003, qu'une augmentation d'1 %, elles seront augmentées d'1 % au 1er septembre 2006 de façon à recevoir au total la revalorisation de 2 %.
Art. 3. Onze Minister van Leefmilieu en van Pensioenen is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 14 maart 2005.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Leefmilieu en van Pensioenen,
  B. TOBBACK.
Art. 3. Notre Ministre de l'Environnement et des Pensions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Donné à Bruxelles, le 14 mars 2005.
  ALBERT
  Par le Roi :
  Le Ministre de l'Environnement et des Pensions,
  B. TOBBACK.