Art. 1. [1 Artikelen 1 tot 15 zijn niet van toepassing op de personeelsleden die onder het toepassingsgebied vallen van het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt.]1
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
18 JANUARI 1965. - Koninklijk besluit houdende algemene regeling inzake reiskosten. - (NOTA 1 : Opgeheven, voor de personeelsleden van de politiediensten, bij KB2001-03-10/58, art. 13.1.10, § 1, 7°, Inwerkingtreding : 01-04-2001.) (NOTA 2 : Opgeheven, voor wat betreft de rechtspositie van het personeel van de wetenschappelijke instellingen, bij BVR1997-01-28/36, art. 118D13.) (NOTA 3 : Opgeheven, voor wat betreft de rechtspositie van het personeel van de in artikel 1.1 van het stambesluit VOI bij BVR2000-06-30/42, art. 130D13.) (NOTA 4 : Opgeheven, voor wat betreft de rechtspositie van het personeel van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap bij BVR1993-11-24/32, art. 156D13.) (NOTA 5 : Opgeheven, voor de ambtenaren van het Waals Gewest, bij BWG2003-12-18/41, art. L4T2C4.1., 2°, Inwerkingtreding : 01-01-2004.) (NOTA 6 : Opgeheven, voor de ambtenaren van het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, bij BSL1999-05-06/52, art. 406, 10°, Inwerkingtreding : 04-07-1999.) (NOTA 7 : Opgeheven, voor de ambtenaren van de instellingen van openbaar nut van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, bij BSL2002-09-26/48, art. 416, 11°, Inwerkingtreding : 01-03-2001.) (NOTA 8 : Opgeheven voor de Duitstalige Gemeenschap bij BDG2015-04-23/21, art. 24, 2°, 006; Inwerkingtreding : 01-07-2015) (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 06-06-2006 en tekstbijwerking tot 22-04-2022)
Titre
18 JANVIER 1965. - Arrêté royal portant réglementation générale en matière de frais de parcours. (NOTE 1 : Abrogé, pour les membres du personnel des services de police, par AR2001-03-30/58, art. 13.1.10, § 1er, 7°, En vigueur : 01-04-2001.) (NOTE 2 : Abrogé, en ce qui concerne le statut du personnel des établissements scientifiques par AGF1997-01-28/36, art. 118D13.) (NOTE 3 : Abrogé, en ce qui concerne le statut du personnel des organismes visés à l'article 1.1 de l'arrêté de base OPF par AGF2000-06-30/42, art. 130D13.) (NOTE 4 : Abrogé, en ce qui concerne le statut du personnel du ministère de la Communauté flamande par AGF1993-11-24/32, art. 156D13.) (NOTE 5 : Abrogé, pour les agents de la Région wallonne, par ARW2003-12-18/41, art. L4T2C4.1., 2°, En vigueur : 01-01-2004.) (NOTE 6 : Abrogé, pour les agents du Ministère de la Région de Bruxelles-Capitale, par ARR1999-05-06/52, art. 406, 10°, En vigueur : 01-07-1999.) (NOTE 7 : Abrogé, pour les agents des organismes d'intérêt public de la Région de Bruxelles-Capitale par ARR2002-09-26/48, art. 416, 11°, En vigueur : 01-03-2001.) (NOTE 8 : Abrogé pour la Communauté germanophone par ACG2015-04-23/21, art. 24, 2°, 006; En vigueur : 01-07-2015) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 06-06-2006 et mise à jour au 22-04-2022)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
HOOFDSTUK II. - Bijzondere bepalingen.
Afdeling 1. - Gebruik van gemeenschappelijke ve...
Afdeling 2. - Gebruik van vervoermiddelen die a...
Afdeling 3. - Gebruik van eigen vervoermiddelen.
Afdeling 4. - Bepalingen aan de afdelingen 2 en...
HOOFDSTUK III. - Slot- en overgangsbepalingen.
BIJLAGE.
Table des matières
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales.
CHAPITRE II. - Dispositions particulières.
Section 1re. - Utilisation des moyens de transp...
Section 2. - Utilisation de moyens de transport...
Section 3. - Utilisation de moyens de transport...
Section 4. - Dispositions communes aux sections...
CHAPITRE III. - Dispositions transitoires et fi...
ANNEXE.
Tekst (47)
Texte (47)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales.
Art. 1er. [1 Les articles 1 à 15 ne sont pas applicables aux membres du personnel qui tombent sous le champ d'application de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les allocations et indemnités des membres du personnel de la fonction publique fédérale.]1
[1
[1
Art. 1bis. ]1 Kosten gedaan in verband met reizen in dienst van de Staat, worden door de Schatkist gedekt in de vormen en onder de voorwaarden in dit besluit bepaald.
Modifications
Art. 1erbis. ]1 Les frais de parcours résultant de déplacements effectués pour les besoins du service de l'Etat sont couverts par le Trésor public dans les formes et dans les conditions fixées par le présent arrêté.
Modifications
Art. 2. Geen reis mag gemaakt worden zonder de toelating (van de voorzitter van het directiecomité) of van zijn gemachtigde. <KB 2008-11-19/30, art. 49, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Wat de leden van de rechterlijke orde en het personeel van de Raad van State betreft, geldt deze bepaling alleen voor de administratieve dienstreizen.
Deze toelating kan algemeen zijn inzonderheid wanneer de betrokkenen geregeld reizen moeten maken.
(De voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde) weigert de reiskosten terug te betalen wanneer hij oordeelt dat de reis niet verantwoord is; hij vermindert ze voor zover zij zouden overdreven zijn of normaal hadden kunnen vermeden worden. <KB 2008-11-19/30, art. 49, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Wat de leden van de rechterlijke orde en het personeel van de Raad van State betreft, geldt deze bepaling alleen voor de administratieve dienstreizen.
Deze toelating kan algemeen zijn inzonderheid wanneer de betrokkenen geregeld reizen moeten maken.
(De voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde) weigert de reiskosten terug te betalen wanneer hij oordeelt dat de reis niet verantwoord is; hij vermindert ze voor zover zij zouden overdreven zijn of normaal hadden kunnen vermeden worden. <KB 2008-11-19/30, art. 49, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Art. 2. Tout déplacement est subordonné à l'autorisation (du président du comité de direction) ou de son délégué. <AR 2008-11-19/30, art. 49, 003; En vigueur : 01-12-2008>
En ce qui concerne les membres de l'Ordre judiciaire et le personnel du Conseil d'Etat, cette disposition ne s'applique qu'aux déplacements de caractère administratif.
Cette autorisation peut être générale notamment dans les cas où les intéressés sont appelés à se déplacer régulièrement.
(Le président du comité de direction ou son délégué) refuse le remboursement des frais de voyages lorsqu'il estime qu'il s'agit de déplacements non justifiés; il les réduit dans la mesure où ils seraient exagérés ou auraient normalement pu être évités. <AR 2008-11-19/30, art. 49, 003; En vigueur : 01-12-2008>
En ce qui concerne les membres de l'Ordre judiciaire et le personnel du Conseil d'Etat, cette disposition ne s'applique qu'aux déplacements de caractère administratif.
Cette autorisation peut être générale notamment dans les cas où les intéressés sont appelés à se déplacer régulièrement.
(Le président du comité de direction ou son délégué) refuse le remboursement des frais de voyages lorsqu'il estime qu'il s'agit de déplacements non justifiés; il les réduit dans la mesure où ils seraient exagérés ou auraient normalement pu être évités. <AR 2008-11-19/30, art. 49, 003; En vigueur : 01-12-2008>
Art. 3. Principieel moet elke dienstreis voor rekening van de Staat geschieden met het vervoermiddel dat voor de Schatkist het minst duur is. Van dit principe mag slechts afgeweken worden wanneer het belang van de dienst het eist.
Art. 3. En principe, chaque déplacement pour le compte de l'Etat doit se faire à l'aide du moyen de transport le moins onéreux pour le Trésor. Il ne peut être dérogé à ce principe que si l'intérêt du service l'exige.
Art. 4. In het belang van de dienst kunnen sommige personen gemachtigd worden gebruik te maken van een eigen vervoermiddel onder de voorwaarden bepaald in hoofdstuk II, afdeling 3, van dit besluit.
Art. 4. Dans l'intérêt du service, certaines personnes peuvent être autorisées à utiliser un moyen de transport personnel dans les conditions prévues au chapitre II, section 3 du présent arrêté.
HOOFDSTUK II. - Bijzondere bepalingen.
CHAPITRE II. - Dispositions particulières.
Afdeling 1. - Gebruik van gemeenschappelijke vervoermiddelen.
Section 1re. - Utilisation des moyens de transport en commun.
Art. 5. Van welk vervoermiddel ook gebruik wordt gemaakt, worden de werkelijke kosten terugbetaald op de grondslag van de officiële of algemeen bekende tarieven of, naar gelang van het geval, op overlegging van een waarheidsgetrouw betuigde verklaring die door de dienstchef of door de hiërarchische meerdere is geviseerd.
Hetzelfde geldt wanneer, bij uitzondering, de betrokkene niet in staat is geweest gebruik te maken van de gemeenschappelijke vervoermiddelen en zich heeft moeten bedienen van enig ander vervoermiddel, waarvan het gebruik te verantwoorden is door de aard en het dringend karakter van de opdracht.
Hetzelfde geldt wanneer, bij uitzondering, de betrokkene niet in staat is geweest gebruik te maken van de gemeenschappelijke vervoermiddelen en zich heeft moeten bedienen van enig ander vervoermiddel, waarvan het gebruik te verantwoorden is door de aard en het dringend karakter van de opdracht.
Art. 5. Quel que soit le moyen de transport employé, les débours réels sont remboursés sur la base des tarifs officiels ou notoires ou, selon le cas, sur déclaration certifiée sincère et visée par le chef de service ou par le supérieur hiérarchique.
Il en est de même dans le cas exceptionnel où l'intéressé n'a pas été à même d'utiliser les moyens de transport en commun et a dû recourir à tout autre moyen de transport dont l'utilisation se justifie par la nature et l'urgence de la mission.
Il en est de même dans le cas exceptionnel où l'intéressé n'a pas été à même d'utiliser les moyens de transport en commun et a dû recourir à tout autre moyen de transport dont l'utilisation se justifie par la nature et l'urgence de la mission.
Art. 6. Zij die herhaaldelijk per spoor of buurtspoor moeten reizen, krijgen een algemeen abonnement wanneer hun werkzaamheid gewoonlijk het gehele land bestrijkt, en een beperkt abonnement wanneer zij werkelijk hun ambt uitoefenen in sommige gemeenten of gewesten.
Zij die niet in het bezit werden gesteld van een abonnement ontvangen van hun bestuur, met het oog op het reizen per spoor, reisorders welke tegen een gewoon reisbiljet moeten omgewisseld worden.
Zij die niet in het bezit werden gesteld van een abonnement ontvangen van hun bestuur, met het oog op het reizen per spoor, reisorders welke tegen een gewoon reisbiljet moeten omgewisseld worden.
Art. 6. Les personnes astreintes à des déplacements fréquents en chemin de fer ou en chemin de fer vicinal reçoivent un abonnement général quand leur activité s'étend habituellement à toute l'étendue du territoire, et un abonnement limité quand elles exercent effectivement leurs fonctions dans certaines localités ou régions.
Les personnes qui ne sont pas pourvues d'un abonnement obtiennent de leur administration, pour leur déplacements en chemin de fer, des réquisitoires à échanger contre un billet ordinaire.
Les personnes qui ne sont pas pourvues d'un abonnement obtiennent de leur administration, pour leur déplacements en chemin de fer, des réquisitoires à échanger contre un billet ordinaire.
Art. 7. Indien het station van vertrek gelegen is in de werkelijke verblijfplaats van de betrokkene en deze niet overeenstemt met de administratieve standplaats mag dit geen bijkomende last voor de Schatkist medebrengen. Het eventueel supplement waartoe de reis aanleiding geeft, is ten laste van de betrokkene.
Art. 7. Si la station de départ est située dans la résidence effective de l'intéressé et que celle-ci ne correspond pas avec sa résidence administrative, il ne peut en résulter de charges supplémentaires pour le Trésor. Le supplément éventuel à résulter du déplacement incombe à l'intéressé.
Art.7_FRANSE_GEMEENSCHAP.
[1 Personen die met een eigen voertuig tussen hun feitelijke verblijfplaats en het openbaarvervoerstation reizen, hebben recht op een kilometervergoeding overeenkomstig het bepaalde in artikel 13 en op vergoeding van parkeerkosten ]1.
[1 Personen die met een eigen voertuig tussen hun feitelijke verblijfplaats en het openbaarvervoerstation reizen, hebben recht op een kilometervergoeding overeenkomstig het bepaalde in artikel 13 en op vergoeding van parkeerkosten ]1.
Modifications
Art.7_COMMUNAUTE_FRANCAISE.
[1 Les frais déboursés par les personnes à l'occasion du parcours accompli entre leur résidence effective et la station de transports en commun au moyen d'un véhicule personnel, bénéficient d'une indemnité kilométrique conformément aux dispositions de l'article 13 et d'un remboursement pour les frais de parking. ]1.
[1 Les frais déboursés par les personnes à l'occasion du parcours accompli entre leur résidence effective et la station de transports en commun au moyen d'un véhicule personnel, bénéficient d'une indemnité kilométrique conformément aux dispositions de l'article 13 et d'un remboursement pour les frais de parking. ]1.
Modifications
Art. 8. Indien de gemeenschappelijke vervoermiddelen verscheidene klassen omvatten, wordt de volgende indeling in acht genomen :
1° In het buitenland : 1° klasse : alle personeelsleden.
2° (In België :
1° klasse : (de personeelsleden van niveaus A en B alsook de personeelsleden die bekleed zijn met een afgeschafte graad van rang 22); <KB 2004-08-04/30, art. 170, Inwerkingtreding : 01-12-2004>
2° klasse : al de overige personeelsleden.) <KB 1995-03-17/30, art. 33>
(De voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde bepaalt) de gelijkstelling die zal gelden voor de buitenstaanders (en de afgevaardigden van de erkende vakbonden). <KB 2005-09-19/34, art. 1, 1°, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 50, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
(De personen die belast zijn met hogere functies dan diegene van hun (klasse) of van hun graad, reizen in de klasse waarin wordt voorzien voor de vakklasse of de graad waarin zij de functies uitoefenen.) <KB 2005-09-19/34, art. 1, 2°, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 50, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
(Nota : De wetgever vervangt verkeerdelijk lid 2 bij art. 1, 2° KB 2005-09-19/34, terwijl duidelijk lid 3 bedoeld wordt.)
1° In het buitenland : 1° klasse : alle personeelsleden.
2° (In België :
1° klasse : (de personeelsleden van niveaus A en B alsook de personeelsleden die bekleed zijn met een afgeschafte graad van rang 22); <KB 2004-08-04/30, art. 170, Inwerkingtreding : 01-12-2004>
2° klasse : al de overige personeelsleden.) <KB 1995-03-17/30, art. 33>
(De voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde bepaalt) de gelijkstelling die zal gelden voor de buitenstaanders (en de afgevaardigden van de erkende vakbonden). <KB 2005-09-19/34, art. 1, 1°, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 50, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
(De personen die belast zijn met hogere functies dan diegene van hun (klasse) of van hun graad, reizen in de klasse waarin wordt voorzien voor de vakklasse of de graad waarin zij de functies uitoefenen.) <KB 2005-09-19/34, art. 1, 2°, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 50, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
(Nota : De wetgever vervangt verkeerdelijk lid 2 bij art. 1, 2° KB 2005-09-19/34, terwijl duidelijk lid 3 bedoeld wordt.)
Art. 8. Si les moyens de transport en commun comportent plusieurs classes, la classification suivante est respectée :
1° A l'étranger : 1ère classe : tous les agents.
2° (En Belgique :
1ère classe : (les agents des niveaux A et B aussi que les agents titulaires d'un grade supprimé du rang 22); <AR 2004-08-04/30, art. 170, En vigueur : 01-12-2004>
2ème classe : tous les autres agents.) <AR 1995-03-17/30, art. 33>
(Le président du comité de direction ou son délégué) détermine l'assimilation pour les personnes étrangères à l'administration (et les délégués des organisations syndicales agréées). <AR 2005-09-19/34, art. 1er, 1°, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 50, 003; En vigueur : 01-12-2008>
(Les personnes chargées de fonctions supérieures à celles de leur (classe) ou de leur grade voyagent dans la classe prévue pour la classe de métiers ou le grade dont elles exercent les fonctions.) <2005-09-19/34, art. 1er, 2°, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 50, 003; En vigueur : 01-12-2008>
(Note : Le législateur remplace erronément l'alinéa 2 par l'art. 1er, 2° de l'AR 2005-09-19/34, alors qu'on vise clairement l'alinéa 3.)
1° A l'étranger : 1ère classe : tous les agents.
2° (En Belgique :
1ère classe : (les agents des niveaux A et B aussi que les agents titulaires d'un grade supprimé du rang 22); <AR 2004-08-04/30, art. 170, En vigueur : 01-12-2004>
2ème classe : tous les autres agents.) <AR 1995-03-17/30, art. 33>
(Le président du comité de direction ou son délégué) détermine l'assimilation pour les personnes étrangères à l'administration (et les délégués des organisations syndicales agréées). <AR 2005-09-19/34, art. 1er, 1°, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 50, 003; En vigueur : 01-12-2008>
(Les personnes chargées de fonctions supérieures à celles de leur (classe) ou de leur grade voyagent dans la classe prévue pour la classe de métiers ou le grade dont elles exercent les fonctions.) <2005-09-19/34, art. 1er, 2°, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 50, 003; En vigueur : 01-12-2008>
(Note : Le législateur remplace erronément l'alinéa 2 par l'art. 1er, 2° de l'AR 2005-09-19/34, alors qu'on vise clairement l'alinéa 3.)
Art. 8 _FRANSE_GEMEENSCHAP.
Indien de gemeenschappelijke vervoermiddelen verscheidene klassen omvatten, wordt de volgende indeling in acht genomen :
1° In het buitenland : 1e klasse : alle ambtenaren.
2° In België :
1e klasse : de ambtenaren die titularis zijn van de volgende graden :
a) niveau 1 : alle graden;
b) niveau 2+ : alle graden;
c) niveau 2 : graden van rang 22;
d) niveau 3 : graden van rang 32,
2e klasse : al de overige ambtenaren.
De ambtenaren belast met een hoger ambt reizen in de klasse bepaald voor de graad die zij bekleden.
De onder arbeidsovereenkomst aangeworven personeelsleden worden gelijkgesteld met de ambtenaren opgenomen in lid 1, in functie van de bepaling van hun overeenkomst waarin het niveau wordt bepaald binnen hetwelk zij hun ambt uitoefenen, de referentiegraad zijnde de aanwervingsgraad.
De personen die niet tot het bestuur behoren, worden gelijkgesteld met de ambtenaren bedoeld bij lid 1 door de Ministers, ieder wat hem betreft en op eensluidend advies van de Minister van Ambtenarenzaken.
Indien de gemeenschappelijke vervoermiddelen verscheidene klassen omvatten, wordt de volgende indeling in acht genomen :
1° In het buitenland : 1e klasse : alle ambtenaren.
2° In België :
1e klasse : de ambtenaren die titularis zijn van de volgende graden :
a) niveau 1 : alle graden;
b) niveau 2+ : alle graden;
c) niveau 2 : graden van rang 22;
d) niveau 3 : graden van rang 32,
2e klasse : al de overige ambtenaren.
De ambtenaren belast met een hoger ambt reizen in de klasse bepaald voor de graad die zij bekleden.
De onder arbeidsovereenkomst aangeworven personeelsleden worden gelijkgesteld met de ambtenaren opgenomen in lid 1, in functie van de bepaling van hun overeenkomst waarin het niveau wordt bepaald binnen hetwelk zij hun ambt uitoefenen, de referentiegraad zijnde de aanwervingsgraad.
De personen die niet tot het bestuur behoren, worden gelijkgesteld met de ambtenaren bedoeld bij lid 1 door de Ministers, ieder wat hem betreft en op eensluidend advies van de Minister van Ambtenarenzaken.
Art. 8 _COMMUNAUTE_FRANCAISE.
Si les moyens de transport en commun comportent plusieurs classes, la classification suivante est respectée :
1° A l'étranger : le classe : tous les agents.
2° En Belgique :
1e classe : les agents titulaires des grades suivants :
a) niveau 1 : tous les grades;
b) niveau 2+ : tous les grades;
c) niveau 2 : grades de rang 22;
d) niveau 3 : grades de rang 32,
2e classe : tous les autres agents.
Les agents chargés de fonctions supérieures voyagent dans la classe prévue pour le grade dont ils exercent les fonctions.
Les membres du personnel engagés par contrat de travail sont assimilés aux agents énumérés à l'alinéa 1er, à raison de la disposition de leur contrat définissant le niveau dans lequel ils exercent leurs fonctions, le grade de référence étant le grade de recrutement.
Les personnes étrangères à l'administration sont assimilées aux agents visés à l'alinéa 1er par les Ministres, chacun pour ce qui le concerne et de l'avis conforme du Ministre de la Fonction publique.
Si les moyens de transport en commun comportent plusieurs classes, la classification suivante est respectée :
1° A l'étranger : le classe : tous les agents.
2° En Belgique :
1e classe : les agents titulaires des grades suivants :
a) niveau 1 : tous les grades;
b) niveau 2+ : tous les grades;
c) niveau 2 : grades de rang 22;
d) niveau 3 : grades de rang 32,
2e classe : tous les autres agents.
Les agents chargés de fonctions supérieures voyagent dans la classe prévue pour le grade dont ils exercent les fonctions.
Les membres du personnel engagés par contrat de travail sont assimilés aux agents énumérés à l'alinéa 1er, à raison de la disposition de leur contrat définissant le niveau dans lequel ils exercent leurs fonctions, le grade de référence étant le grade de recrutement.
Les personnes étrangères à l'administration sont assimilées aux agents visés à l'alinéa 1er par les Ministres, chacun pour ce qui le concerne et de l'avis conforme du Ministre de la Fonction publique.
Art. 9. Wanneer iemand tot herhaalde reizen binnen zijn standplaats genoopt is, kan hem een forfaitaire vergoeding worden toegekend.
Werd geen vergoeding vooraf betaald dan kunnen de betrokkenen de kosten voor het gebruik van een gemeenschappelijk vervoermiddel terugbetaald krijgen voor de dienstreizen.
Met de kosten gemaakt ter gelegenheid van ritten van de woonplaats van de betrokkene naar een spoorstation (spoor of buurtspoor) of omgekeerd, wordt geen rekening gehouden.
Bij vervoer van vertrouwelijke of waardevolle bescheiden kunnen de kosten van taxiritten terugbetaald worden, mits de betrokkenen de noodzakelijkheid van het gebruik van dit vervoermiddel verantwoorden.
Werd geen vergoeding vooraf betaald dan kunnen de betrokkenen de kosten voor het gebruik van een gemeenschappelijk vervoermiddel terugbetaald krijgen voor de dienstreizen.
Met de kosten gemaakt ter gelegenheid van ritten van de woonplaats van de betrokkene naar een spoorstation (spoor of buurtspoor) of omgekeerd, wordt geen rekening gehouden.
Bij vervoer van vertrouwelijke of waardevolle bescheiden kunnen de kosten van taxiritten terugbetaald worden, mits de betrokkenen de noodzakelijkheid van het gebruik van dit vervoermiddel verantwoorden.
Art. 9. Lorsqu'une personne est appelée à effectuer des déplacements fréquents dans sa résidence administrative, une indemnité forfaitaire peut lui être octroyée.
A défaut de forfait, les intéressés peuvent obtenir le remboursement des frais d'utilisation des moyens de transport en commun, pour les déplacements de service.
Il n'est pas tenu compte des frais déboursés à l'occasion de parcours accomplis du domicile de l'intéressé à une station du réseau ferré (chemin de fer ou vicinaux) ou vice-versa.
Le transport de documents confidentiels ou de grande valeur peut donner lieu au remboursement des frais de taxi supportés, à condition que les intéressés justifient de la nécessité d'utiliser ce moyen de transport.
A défaut de forfait, les intéressés peuvent obtenir le remboursement des frais d'utilisation des moyens de transport en commun, pour les déplacements de service.
Il n'est pas tenu compte des frais déboursés à l'occasion de parcours accomplis du domicile de l'intéressé à une station du réseau ferré (chemin de fer ou vicinaux) ou vice-versa.
Le transport de documents confidentiels ou de grande valeur peut donner lieu au remboursement des frais de taxi supportés, à condition que les intéressés justifient de la nécessité d'utiliser ce moyen de transport.
Art.9_FRANSE_GEMEENSCHAP.
Wanneer iemand tot herhaalde reizen binnen zijn standplaats genoopt is, kan hem een forfaitaire vergoeding worden toegekend.
Werd geen vergoeding vooraf betaald dan kunnen de betrokkenen de kosten voor het gebruik van een gemeenschappelijk vervoermiddel terugbetaald krijgen voor de dienstreizen.
[1 ...]1.
Bij vervoer van vertrouwelijke of waardevolle bescheiden kunnen de kosten van taxiritten terugbetaald worden, mits de betrokkenen de noodzakelijkheid van het gebruik van dit vervoermiddel verantwoorden.
Wanneer iemand tot herhaalde reizen binnen zijn standplaats genoopt is, kan hem een forfaitaire vergoeding worden toegekend.
Werd geen vergoeding vooraf betaald dan kunnen de betrokkenen de kosten voor het gebruik van een gemeenschappelijk vervoermiddel terugbetaald krijgen voor de dienstreizen.
[1 ...]1.
Bij vervoer van vertrouwelijke of waardevolle bescheiden kunnen de kosten van taxiritten terugbetaald worden, mits de betrokkenen de noodzakelijkheid van het gebruik van dit vervoermiddel verantwoorden.
Modifications
Art.9_COMMUNAUTE_FRANCAISE.
Lorsqu'une personne est appelée à effectuer des déplacements fréquents dans sa résidence administrative, une indemnité forfaitaire peut lui être octroyée.
A défaut de forfait, les intéressés peuvent obtenir le remboursement des frais d'utilisation des moyens de transport en commun, pour les déplacements de service.
[1 ...]1
Le transport de documents confidentiels ou de grande valeur peut donner lieu au remboursement des frais de taxi supportés, à condition que les intéressés justifient de la nécessité d'utiliser ce moyen de transport.
Lorsqu'une personne est appelée à effectuer des déplacements fréquents dans sa résidence administrative, une indemnité forfaitaire peut lui être octroyée.
A défaut de forfait, les intéressés peuvent obtenir le remboursement des frais d'utilisation des moyens de transport en commun, pour les déplacements de service.
[1 ...]1
Le transport de documents confidentiels ou de grande valeur peut donner lieu au remboursement des frais de taxi supportés, à condition que les intéressés justifient de la nécessité d'utiliser ce moyen de transport.
Modifications
Afdeling 2. - Gebruik van vervoermiddelen die aan het bestuur toebehoren.
Section 2. - Utilisation de moyens de transport appartenant à l'administration.
Art. 10. <KB 2008-11-19/30, art. 51, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008> Reizen met vervoermiddelen die ter beschikking gesteld worden door het bestuur geven geen recht op vergoeding; alle kosten voor gebruik en onderhoud van deze vervoermiddelen komen ten laste van de Schatkist.
Art. 10. <AR 2008-11-19/30, art. 81, 003; En vigueur : 01-12-2008> Les parcours effectués avec les moyens de transport mis à disposition par l'administration ne donnent droit à aucune indemnité; tous les frais résultant de l'utilisation et de l'entretien de ces moyens de transport sont à la charge du Trésor.
Art. 11. Voor elk motorvoertuig van de Staat wordt een reiswijzer gehouden overeenkomstig het model dat bepaald is door de minister tot wiens bevoegdheid het openbaar ambt behoort.
Art. 11. Il est tenu pour chaque véhicule à moteur de l'Etat, un livret de courses dont le modèle est fixé par le ministre qui a la fonction publique dans ses attributions.
Afdeling 3. - Gebruik van eigen vervoermiddelen.
Section 3. - Utilisation de moyens de transport personnel.
Art. 12. De toelatingen om in het belang van de dienst gebruik te maken van een eigen motorvoertuig (worden verleend door de voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde). De toelatingen zijn slechts geldig tot 31 december van ieder jaar; zij zijn ondergeschikt aan het bijhouden van een zelfde reiswijzer als voorgeschreven bij artikel 11. De ambtenaren (die bekleed zijn met de klasse A4 of A5) zijn evenwel vrijgesteld van het houden van die reiswijzer. <KB 2004-08-04/30, art. 171, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 52, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
(De toelatingen bepalen) eveneens het maximum aantal kilometers waarvoor de jaarlijkse toelating geldt, het hoogste belastbaar vermogen van het voertuig dat voor de uitkering van de vergoeding aanvaard is en, eventueel, de gemeente waarvan sprake in artikel 14, tweede lid. <KB 2008-11-19/30, art. 52, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Het maximum aantal kilometers kan per dienst worden bepaald.
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
[1 Behoudens uitdrukkelijke bepaling mag de betrokkene de verplaatsingen binnen de agglomeratie van zijn standplaats niet in rekening brengen. In voorkomend geval wordt een bijzondere toelating verleend door de voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde. Zij bepaalt voor die verplaatsingen een afzonderlijk maximumaantal kilometers.]1
(De voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde bepaalt) de gelijkstellingen voor buitenstaanders en voor ambtenaren met een graad die niet ingedeeld is in een rang (of die niet zijn benoemd in een vakklasse). <KB 2005-09-19/34, art. 2, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 52, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
(De toelatingen bepalen) eveneens het maximum aantal kilometers waarvoor de jaarlijkse toelating geldt, het hoogste belastbaar vermogen van het voertuig dat voor de uitkering van de vergoeding aanvaard is en, eventueel, de gemeente waarvan sprake in artikel 14, tweede lid. <KB 2008-11-19/30, art. 52, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Het maximum aantal kilometers kan per dienst worden bepaald.
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
[1 Behoudens uitdrukkelijke bepaling mag de betrokkene de verplaatsingen binnen de agglomeratie van zijn standplaats niet in rekening brengen. In voorkomend geval wordt een bijzondere toelating verleend door de voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde. Zij bepaalt voor die verplaatsingen een afzonderlijk maximumaantal kilometers.]1
(De voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde bepaalt) de gelijkstellingen voor buitenstaanders en voor ambtenaren met een graad die niet ingedeeld is in een rang (of die niet zijn benoemd in een vakklasse). <KB 2005-09-19/34, art. 2, Inwerkingtreding : 01-12-2004> <KB 2008-11-19/30, art. 52, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Modifications
Art. 12. Les autorisations d'utiliser, pour les besoins du service, un véhicule à moteur personnel, (sont accordées par le président du comité de direction ou son délégué). Les autorisations ne sont valables que jusqu'au 31 décembre de chaque année; elles sont subordonnées à la tenue d'un livret de courses, identique à celui prévue à l'article 11. Les fonctionnaires (titulaires de la classe A4 ou A5) sont toutefois dispensés de la tenue de ce livret. <AR 2004-08-04/30, art. 171, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 52, 003; En vigueur : 01-12-2008>
(Les autorités fixent) également le maximum kilométrique annuel autorisé, la puissance imposable maximum de la voiture admise pour la liquidation de l'indemnité et, éventuellement, la localité dont il est question dans l'article 14, alinéa 2. <AR 2008-11-19/30, art. 52, 003; En vigueur : 01-12-2008>
Le maximum kilométrique peut être fixé par service.
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
[1 Sauf disposition expresse, l'intéressé ne peut porter en compte les déplacements à l'intérieur de l'agglomération de sa résidence administrative. Le cas échéant, une autorisation spéciale est accordée par le président du comité de direction ou son délégué. Elle fixe un maximum kilométrique distinct pour ces déplacements.]1.
(Le président du comité de direction ou son délégué) détermine les assimilations pour les personnes étrangères à l'administration et les agents qui ne sont pas titulaires d'un grade classé dans un rang (ou qui ne sont pas nommés dans une classe de métiers). <2005-09-19/34, art. 2, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 52, 003; En vigueur : 01-12-2008>
(Les autorités fixent) également le maximum kilométrique annuel autorisé, la puissance imposable maximum de la voiture admise pour la liquidation de l'indemnité et, éventuellement, la localité dont il est question dans l'article 14, alinéa 2. <AR 2008-11-19/30, art. 52, 003; En vigueur : 01-12-2008>
Le maximum kilométrique peut être fixé par service.
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
[1 Sauf disposition expresse, l'intéressé ne peut porter en compte les déplacements à l'intérieur de l'agglomération de sa résidence administrative. Le cas échéant, une autorisation spéciale est accordée par le président du comité de direction ou son délégué. Elle fixe un maximum kilométrique distinct pour ces déplacements.]1.
(Le président du comité de direction ou son délégué) détermine les assimilations pour les personnes étrangères à l'administration et les agents qui ne sont pas titulaires d'un grade classé dans un rang (ou qui ne sont pas nommés dans une classe de métiers). <2005-09-19/34, art. 2, En vigueur : 01-12-2004> <AR 2008-11-19/30, art. 52, 003; En vigueur : 01-12-2008>
Modifications
Art. 12_WAALS_GEWEST. De toelatingen om in het belang van de dienst gebruik te maken van een eigen motorvoertuig zijn het voorwerp van een besluit dat genomen wordt door de betrokken minister op gunstig advies van de inspecteur van Financiën, De toelatingen zijn slechts geldig tot 31 december van ieder jaar; zij zijn ondergeschikt aan het bijhouden van een zelfde reiswijzer als voorgeschreven bij artikel 11. De ambtenaren die bekleed zijn met een graad van de rangen 17, 16 of 15 zijn evenwel vrijgesteld van het houden van die reiswijzer.
(Bij ministerieel besluit worden ook het maximum toegestane jaarlijkse aantal kilometers vastgesteld met hoogstens 22 000 kilometer per jaar, alsook het maximale belastbare vermogen van de wagen dat in aanmerking komt voor de vereffening van de vergoeding en, eventueel, de in artikel 14, tweede lid, bedoelde plaats.)
Het maximum aantal kilometers kan per dienst worden bepaald.
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
Behoudens uitdrukkelijke bepaling mag de betrokkene de verplaatsingen binnen de agglomeratie van zijn standplaats niet in rekening brengen. In voorkomend geval bepaalt de bijzondere toelating van de minister voor die verplaatsingen een afzonderlijk maximum aantal kilometers.
Op eensluidend advies van de minister tot wiens bevoegdheid het openbaar ambt behoort, bepaalt de betrokken minister de gelijkstellingen voor buitenstaanders en voor ambtenaren met een graad die niet ingedeeld is in een rang (of die niet zijn benoemd in een vakklasse.)
(Bij ministerieel besluit worden ook het maximum toegestane jaarlijkse aantal kilometers vastgesteld met hoogstens 22 000 kilometer per jaar, alsook het maximale belastbare vermogen van de wagen dat in aanmerking komt voor de vereffening van de vergoeding en, eventueel, de in artikel 14, tweede lid, bedoelde plaats.)
Het maximum aantal kilometers kan per dienst worden bepaald.
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
(...) <KB 2000-07-20/40, art. 1, Inwerkingtreding : 01-09-2000>
Behoudens uitdrukkelijke bepaling mag de betrokkene de verplaatsingen binnen de agglomeratie van zijn standplaats niet in rekening brengen. In voorkomend geval bepaalt de bijzondere toelating van de minister voor die verplaatsingen een afzonderlijk maximum aantal kilometers.
Op eensluidend advies van de minister tot wiens bevoegdheid het openbaar ambt behoort, bepaalt de betrokken minister de gelijkstellingen voor buitenstaanders en voor ambtenaren met een graad die niet ingedeeld is in een rang (of die niet zijn benoemd in een vakklasse.)
Art. 12 _REGION_WALLONNE.
Les autorisations d'utiliser, pour les besoins du service, un véhicule à moteur personnel, font l'objet d'un arrêté pris par le ministre intéressé, sur avis favorable de l'inspecteur des Finances. Les autorisations ne sont valables que jusqu'au 31 décembre de chaque année; elles sont subordonnées à la tenue d'un livret de courses, identique à celui prévue à l'article 11. Les fonctionnaires titulaires d'un grade aux rangs 17, 16 ou 15 sont toutefois dispensés de la tenue de ce livret.
(L'arrêté ministériel fixe également le maximum kilométrique annuel autorisé, sans toutefois pouvoir excéder 22 000 kilomètres par an, la puissance imposable maximum de la voiture admise pour la liquidation de l'indemnité et, éventuellement, la localité dont il est question dans l'article 14, alinéa 2.)
Le maximum kilométrique peut être fixé par service.
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
Sauf disposition expresse, l'intéressé ne peut porter en compte les déplacements à l'intérieur de l'agglomération de sa résidence administrative. Le cas échéant, l'autorisation spéciale du ministre fixe un maximum kilométrique distinct pour ces déplacements.
Le ministre intéressé, de l'avis conforme du ministre qui a la fonction publique dans ses attributions, détermine les assimilations pour les personnes étrangères à l'administration et les agents qui ne sont pas titulaires d'un grade classé dans un rang.
Les autorisations d'utiliser, pour les besoins du service, un véhicule à moteur personnel, font l'objet d'un arrêté pris par le ministre intéressé, sur avis favorable de l'inspecteur des Finances. Les autorisations ne sont valables que jusqu'au 31 décembre de chaque année; elles sont subordonnées à la tenue d'un livret de courses, identique à celui prévue à l'article 11. Les fonctionnaires titulaires d'un grade aux rangs 17, 16 ou 15 sont toutefois dispensés de la tenue de ce livret.
(L'arrêté ministériel fixe également le maximum kilométrique annuel autorisé, sans toutefois pouvoir excéder 22 000 kilomètres par an, la puissance imposable maximum de la voiture admise pour la liquidation de l'indemnité et, éventuellement, la localité dont il est question dans l'article 14, alinéa 2.)
Le maximum kilométrique peut être fixé par service.
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
(...) <AR 2000-07-20/40, art. 1, En vigueur : 01-09-2000>
Sauf disposition expresse, l'intéressé ne peut porter en compte les déplacements à l'intérieur de l'agglomération de sa résidence administrative. Le cas échéant, l'autorisation spéciale du ministre fixe un maximum kilométrique distinct pour ces déplacements.
Le ministre intéressé, de l'avis conforme du ministre qui a la fonction publique dans ses attributions, détermine les assimilations pour les personnes étrangères à l'administration et les agents qui ne sont pas titulaires d'un grade classé dans un rang.
Art. 12 _FRANSE_GEMEENSCHAP.
(De toelatingen om in het belang van de dienst gebruik te maken van een eigen motorvoertuig zijn het voorwerp van een besluit dat genomen door de betrokken Minister op advies van de Inspecteur van Financiën. De toelatingen zijn geldig tot 31 december van elk jaar.)
(Het in lid 1 bedoelde besluit bepaalt eveneens het maximaal aantal kilometers waarvoor de jaarlijkse toelating geldt en, in voorkomend geval, (...) is, alsook de gemeente waarvan sprake in artikel 14, lid 2.)
Het maximum aantal kilometers kan per dienst worden bepaald.
(...)
(...)
Behoudens uitdrukkelijke bepaling mag de betrokkene de verplaatsingen binnen de agglomeratie van zijn standplaats niet in rekening brengen. In voorkomend geval bepaalt de bijzondere toelating van de minister voor die verplaatsingen een afzonderlijk maximum aantal kilometers.
Op eensluidend advies van de minister tot wiens bevoegdheid het openbaar ambt behoort, bepaalt de betrokken minister de gelijkstellingen voor buitenstaanders en voor ambtenaren met een graad die niet ingedeeld is in een rang.
(De toelatingen om in het belang van de dienst gebruik te maken van een eigen motorvoertuig zijn het voorwerp van een besluit dat genomen door de betrokken Minister op advies van de Inspecteur van Financiën. De toelatingen zijn geldig tot 31 december van elk jaar.)
(Het in lid 1 bedoelde besluit bepaalt eveneens het maximaal aantal kilometers waarvoor de jaarlijkse toelating geldt en, in voorkomend geval, (...) is, alsook de gemeente waarvan sprake in artikel 14, lid 2.)
Het maximum aantal kilometers kan per dienst worden bepaald.
(...)
(...)
Behoudens uitdrukkelijke bepaling mag de betrokkene de verplaatsingen binnen de agglomeratie van zijn standplaats niet in rekening brengen. In voorkomend geval bepaalt de bijzondere toelating van de minister voor die verplaatsingen een afzonderlijk maximum aantal kilometers.
Op eensluidend advies van de minister tot wiens bevoegdheid het openbaar ambt behoort, bepaalt de betrokken minister de gelijkstellingen voor buitenstaanders en voor ambtenaren met een graad die niet ingedeeld is in een rang.
Art. 12 _COMMUNAUTE_FRANCAISE.
(Les autorisations d'utiliser, pour les besoins du service, un véhicule à moteur personnel, font l'objet d'un arrêté pris par le Ministre intéressé, sur avis de l'Inspecteur des Finances. Les autorisations sont valables jusqu'au 31 décembre de chaque année.)
(L'arrêté visé à l'alinéa 1er fixe également le maximum kilométrique annuel autorisé et, s'il échet, (...) ainsi que la localité dont il est question dans l'article 14, alinéa 2)
Le maximum kilométrique peut être fixé par service.
(...)
(...)
Sauf disposition expresse, l'intéressé ne peut porter en compte les déplacements à l'intérieur de l'agglomération de sa résidence administrative. Le cas échéant, l'autorisation spéciale du ministre fixe un maximum kilométrique distinct pour ces déplacements.
Le ministre intéressé, de l'avis conforme du ministre qui a la fonction publique dans ses attributions, détermine les assimilations pour les personnes étrangères à l'administration et les agents qui ne sont pas titulaires d'un grade classé dans un rang.
(Les autorisations d'utiliser, pour les besoins du service, un véhicule à moteur personnel, font l'objet d'un arrêté pris par le Ministre intéressé, sur avis de l'Inspecteur des Finances. Les autorisations sont valables jusqu'au 31 décembre de chaque année.)
(L'arrêté visé à l'alinéa 1er fixe également le maximum kilométrique annuel autorisé et, s'il échet, (...) ainsi que la localité dont il est question dans l'article 14, alinéa 2)
Le maximum kilométrique peut être fixé par service.
(...)
(...)
Sauf disposition expresse, l'intéressé ne peut porter en compte les déplacements à l'intérieur de l'agglomération de sa résidence administrative. Le cas échéant, l'autorisation spéciale du ministre fixe un maximum kilométrique distinct pour ces déplacements.
Le ministre intéressé, de l'avis conforme du ministre qui a la fonction publique dans ses attributions, détermine les assimilations pour les personnes étrangères à l'administration et les agents qui ne sont pas titulaires d'un grade classé dans un rang.
Art. 13. <KB 2000-07-20/40, art. 2, Inwerkingtreding : 01-09-2000> (De personen die voor hun verplaatsingen in dienstverband een eigen wagen gebruiken, hebben recht op een kilometervergoeding om alle kosten te dekken die voortvloeien uit het gebruik van het voertuig.
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt jaarlijks herzien op 1 juli.
(Het bedrag van de kilometervergoeding bestaat uit twee delen.
Het eerste deel vertegenwoordigt 80 % van het bedrag van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het lopende jaar is; het verkregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
Het bedrag van het tweede deel vertegenwoordigt 20 % van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer de som is van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller de som van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het lopende jaar is; het verkregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
De gebruikte maximale dagprijzen zijn deze medegedeeld door de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.
Het totale bedrag van de kilometervergoeding wordt bepaald tot en met de vierde decimaal.
Voor de berekening van het bedrag van de kilometervergoeding op 1 juli 2008 wordt het bedrag van het voorafgaande jaar vastgelegd op 0,2940 EUR per kilometer.) <KB 2008-11-21/34, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 01-07-2008>
Voor de verplaatsingen van personen die in het buitenland verblijven wordt de kilometervergoeding vastgesteld in gemeenschappelijk overleg tussen de betrokken minister en de minister tot wiens bevoegdheid ambtenarenzaken behoort.
Het gebruik van een motorfiets of een bromfiets voor dienstreizen geeft recht op de kilometervergoeding zoals vastgesteld in het eerste lid.
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt jaarlijks herzien op 1 juli.
(Het bedrag van de kilometervergoeding bestaat uit twee delen.
Het eerste deel vertegenwoordigt 80 % van het bedrag van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het lopende jaar is; het verkregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
Het bedrag van het tweede deel vertegenwoordigt 20 % van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer de som is van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller de som van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het lopende jaar is; het verkregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
De gebruikte maximale dagprijzen zijn deze medegedeeld door de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.
Het totale bedrag van de kilometervergoeding wordt bepaald tot en met de vierde decimaal.
Voor de berekening van het bedrag van de kilometervergoeding op 1 juli 2008 wordt het bedrag van het voorafgaande jaar vastgelegd op 0,2940 EUR per kilometer.) <KB 2008-11-21/34, art. 1, 004; Inwerkingtreding : 01-07-2008>
Voor de verplaatsingen van personen die in het buitenland verblijven wordt de kilometervergoeding vastgesteld in gemeenschappelijk overleg tussen de betrokken minister en de minister tot wiens bevoegdheid ambtenarenzaken behoort.
Het gebruik van een motorfiets of een bromfiets voor dienstreizen geeft recht op de kilometervergoeding zoals vastgesteld in het eerste lid.
Art. 13. <AR 2000-07-20/40, art. 2, En vigueur : 01-09-2000> (Les personnes qui utilisent pour leurs déplacements de service une voiture personnelle ont droit, pour couvrir tous les frais résultant de l'utilisation du véhicule, à une indemnité kilométrique.
Le montant de l'indemnité kilométrique est revu annuellement à la date du 1er juillet.
(Le montant de l'indemnité kilométrique est composé de 2 parties.
La première partie représente 80 % du montant de la première partie de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année précédente et le numérateur l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
La deuxième partie représente 20 % de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour euro 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année précédente et le numérateur la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour euro 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
Les prix journaliers maximums sont ceux communiquées par le Service public fédéral Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie.
Le montant total de l'indemnité kilométrique est établi jusqu'à la quatrième décimale inclusivement.
Pour le calcul du montant de l'indemnité kilométrique à la date du 1er juillet 2008, le montant de l'année précédente est fixé à 0,2940 EUR du kilomètre.) <AR 2008-11-21/34, art. 1, 004; En vigueur : 01-07-2008>
L'indemnité kilométrique est fixée de commun accord entre le ministre concerné et le ministre qui a la fonction publique dans ses attributions pour les déplacements de personnes résidant à l'étranger.
L'utilisation, pour les déplacements de service, d'une motocyclette ou d'un cyclomoteur donne droit à l'indemnité kilométrique visée à l'alinéa 1er.
Le montant de l'indemnité kilométrique est revu annuellement à la date du 1er juillet.
(Le montant de l'indemnité kilométrique est composé de 2 parties.
La première partie représente 80 % du montant de la première partie de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année précédente et le numérateur l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
La deuxième partie représente 20 % de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour euro 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année précédente et le numérateur la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour euro 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
Les prix journaliers maximums sont ceux communiquées par le Service public fédéral Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie.
Le montant total de l'indemnité kilométrique est établi jusqu'à la quatrième décimale inclusivement.
Pour le calcul du montant de l'indemnité kilométrique à la date du 1er juillet 2008, le montant de l'année précédente est fixé à 0,2940 EUR du kilomètre.) <AR 2008-11-21/34, art. 1, 004; En vigueur : 01-07-2008>
L'indemnité kilométrique est fixée de commun accord entre le ministre concerné et le ministre qui a la fonction publique dans ses attributions pour les déplacements de personnes résidant à l'étranger.
L'utilisation, pour les déplacements de service, d'une motocyclette ou d'un cyclomoteur donne droit à l'indemnité kilométrique visée à l'alinéa 1er.
Art. 13_WAALS_GEWEST. De personen die voor hun dienstreizen gebruik maken van hun eigen wagen, komen in aanmerking, tot goedmaking van alle kosten die daaraan verbonden zijn, voor een kilometervergoeding ten belope van 8,04 frank per kilometer (hetzij 0,20 euro per kilometer).
De kilometervergoeding dekt alle kosten met uitzondering van degene die betrekking hebben op het betaald parkeren en die gedaan zijn bij de uitvoering van de dienstreizen, en van de omniumverzekering om de risico's te dekken die de personeelsleden lopen wanneer ze hun eigen wagen gebruiken in het belang van de dienst.
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt gekoppeld aan de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen, overeenkomstig de voorschriften van de wet van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld, en wordt verbonden aan het spilindexcijfer 138,01 van 1 januari 1990.
De kilometervergoeding dekt alle kosten met uitzondering van degene die betrekking hebben op het betaald parkeren en die gedaan zijn bij de uitvoering van de dienstreizen, en van de omniumverzekering om de risico's te dekken die de personeelsleden lopen wanneer ze hun eigen wagen gebruiken in het belang van de dienst.
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt gekoppeld aan de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen, overeenkomstig de voorschriften van de wet van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld, en wordt verbonden aan het spilindexcijfer 138,01 van 1 januari 1990.
Art. 13 _REGION_WALLONNE.
Les personnes qui utilisent pour leurs déplacements de service un véhicule à moteur personnel ont droit, pour couvrir tous les frais résultant de l'utilisation du véhicule à moteur personnel, à une indemnité kilométrique fixée à 8,04 francs du kilomètre (soit 0,20 euro du kilomètre).
L'indemnité kilométrique couvre tous les frais à l'exception des frais de parking et de stationnement payant exposés lors de l'accomplissement des déplacements de service et de l'assurance tous risques pour couvrir les risques encourus par les agents utilisant leur véhicule à moteur personnel pour les besoins du service.
Le montant de l'indemnité kilométrique est lié aux fluctuations de l'indice des prix à la consommation, conformément aux règles prescrites par la loi du 1er mars 1977 organisant un régime de liaison à l'indice des prix à la consommation du Royaume de certaines dépenses du secteur public, et est rattaché à l'indice-pivot 138,01 du 1er janvier 1990.
L'indemnité kilométrique couvre tous les frais à l'exception des frais de parking et de stationnement payant exposés lors de l'accomplissement des déplacements de service et de l'assurance tous risques pour couvrir les risques encourus par les agents utilisant leur véhicule à moteur personnel pour les besoins du service.
Le montant de l'indemnité kilométrique est lié aux fluctuations de l'indice des prix à la consommation, conformément aux règles prescrites par la loi du 1er mars 1977 organisant un régime de liaison à l'indice des prix à la consommation du Royaume de certaines dépenses du secteur public, et est rattaché à l'indice-pivot 138,01 du 1er janvier 1990.
Art. 13 _FRANSE_GEMEENSCHAP.
[1 De personen die voor hun verplaatsingen in dienstverband een eigen wagen gebruiken, hebben recht op een kilometervergoeding om alle kosten te dekken die voortvloeien uit het gebruik van het voertuig.
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt jaarlijks herzien op 1 juli.
Het bedrag van de kilometervergoeding bestaat uit twee delen.
Het eerste deel vertegenwoordigt 80 % van het bedrag van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het lopende jaar is; het gekregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
Het bedrag van het tweede deel vertegenwoordigt 20 % van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer de som is van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller de som van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het lopende jaar is; het gekregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
De gebruikte maximale dagprijzen zijn deze medegedeeld door de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.
Het totale bedrag van de kilometervergoeding wordt bepaald tot en met de vierde decimaal.
Voor de berekening van het bedrag van de kilometervergoeding op 1 juli 2016 wordt het bedrag van het voorafgaande jaar vastgelegd op 0,3363 EUR per kilometer.]1
[1 De personen die voor hun verplaatsingen in dienstverband een eigen wagen gebruiken, hebben recht op een kilometervergoeding om alle kosten te dekken die voortvloeien uit het gebruik van het voertuig.
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt jaarlijks herzien op 1 juli.
Het bedrag van de kilometervergoeding bestaat uit twee delen.
Het eerste deel vertegenwoordigt 80 % van het bedrag van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller het indexcijfer van de consumptieprijzen van de maand mei van het lopende jaar is; het gekregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
Het bedrag van het tweede deel vertegenwoordigt 20 % van de kilometervergoeding van het voorafgaande jaar, vermenigvuldigd met een breuk, waarvan de noemer de som is van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het voorafgaande jaar en de teller de som van het gemiddelde van de maximale dagprijzen voor euro 95, 10 ppm en diesel wegverkeer 10 ppm van de maand mei van het lopende jaar is; het gekregen resultaat wordt bepaald tot en met de vijfde decimaal.
De gebruikte maximale dagprijzen zijn deze medegedeeld door de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.
Het totale bedrag van de kilometervergoeding wordt bepaald tot en met de vierde decimaal.
Voor de berekening van het bedrag van de kilometervergoeding op 1 juli 2016 wordt het bedrag van het voorafgaande jaar vastgelegd op 0,3363 EUR per kilometer.]1
Modifications
Art. 13 _COMMUNAUTE_FRANCAISE.
[1 Les personnes qui utilisent pour leurs déplacements de service une voiture personnelle ont droit, pour couvrir tous les frais résultant de l'utilisation du véhicule, à une indemnité kilométrique.
Le montant de l'indemnité kilométrique est revu annuellement à la date du 1er juillet.
Le montant de l'indemnité kilométrique est composé de 2 parties.
La première partie représente 80 % du montant de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année précédente et le numérateur l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
La deuxième partie représente 20 % de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour EURO 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année précédente et le numérateur la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour EURO 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
Les prix journaliers maximums sont ceux communiqués par le Service public fédéral Economie, PME, Classes moyennes et Energie.
Le montant total de l'indemnité kilométrique est établi jusqu'à la quatrième décimale inclusivement.
Pour le calcul du montant de l'indemnité kilométrique à la date du 1er juillet 2016, le montant de l'année précédente est fixé à 0,3363 EUR du kilomètre.]1
[1 Les personnes qui utilisent pour leurs déplacements de service une voiture personnelle ont droit, pour couvrir tous les frais résultant de l'utilisation du véhicule, à une indemnité kilométrique.
Le montant de l'indemnité kilométrique est revu annuellement à la date du 1er juillet.
Le montant de l'indemnité kilométrique est composé de 2 parties.
La première partie représente 80 % du montant de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année précédente et le numérateur l'indice des prix à la consommation du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
La deuxième partie représente 20 % de l'indemnité kilométrique de l'année précédente, multiplié par une fraction dont le dénominateur est la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour EURO 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année précédente et le numérateur la somme de la moyenne des prix journaliers maximums pour EURO 95, 10 ppm et diesel routier 10 ppm du mois de mai de l'année en cours; le résultat obtenu est établi jusqu'à la cinquième décimale inclusivement.
Les prix journaliers maximums sont ceux communiqués par le Service public fédéral Economie, PME, Classes moyennes et Energie.
Le montant total de l'indemnité kilométrique est établi jusqu'à la quatrième décimale inclusivement.
Pour le calcul du montant de l'indemnité kilométrique à la date du 1er juillet 2016, le montant de l'année précédente est fixé à 0,3363 EUR du kilomètre.]1
Modifications
Art. 13bis_WAALS_GEWEST. De Waalse ministeries en de instellingen van openbaar nut bedoeld in het decreet van 22 januari 1998 betreffende het statuut van het personeel van sommige instellingen van openbaar nut die onder het Waalse Gewest ressorteren, moeten een omniumverzekering aangaan om de risico's te dekken die de personeelsleden lopen wanneer ze hun eigen wagen gebruiken in het belang van de dienst.
Art. 13bis _REGION_WALLONNE.
Les ministères wallons et les organismes d'intérêt public visés au décret du 22 janvier 1998 relatif au statut du personnel de certains organismes d'intérêt public relevant de la Région wallonne souscrivent une assurance tous risques pour couvrir les risques encourus par leurs agents utilisant leur véhicule à moteur personnel pour les besoins du service.
Afdeling 4. - Bepalingen aan de afdelingen 2 en 3 gemeen.
Section 4. - Dispositions communes aux sections 2 et 3.
Art. 14. Voor berekening van de kilometervergoedingen wordt als grondslag genomen de werkelijke afstand in kilometers volgens de gevolgde wegen. Zij die evenwel niet wonen ter standplaats van hun ambt en die een dienstreis ondernemen met hun woonplaats als vertrek- of eindpunt, kunnen geen hogere vergoeding bekomen dan die welke hun zou verschuldigd zijn indien de reizen van of naar hun standplaats waren geschied.
In alle gevallen waarin de standplaats van de betrokkene gelegen is buiten de sector van zijn administratieve werkzaamheid, zal de toelating om in het belang van de dienst gebruik te maken van een eigen motorvoertuig binnen de sector een gemeente vermelden die zal beschouwd worden als vertrekpunt voor de berekening van de afstand der ritten afgelegd in het belang van de dienst.
In alle gevallen waarin de standplaats van de betrokkene gelegen is buiten de sector van zijn administratieve werkzaamheid, zal de toelating om in het belang van de dienst gebruik te maken van een eigen motorvoertuig binnen de sector een gemeente vermelden die zal beschouwd worden als vertrekpunt voor de berekening van de afstand der ritten afgelegd in het belang van de dienst.
Art. 14. Les indemnités kilométriques sont calculées en prenant pour base la longueur kilométrique réelle des routes utilisées. Toutefois, les personnes qui ne résident pas au siège de leurs fonctions, et qui se déplacent en prenant comme point de départ ou de retour leur résidence habituelle, ne peuvent obtenir une indemnité supérieure à celle qui leur serait due si les déplacements avaient comme point de départ et de retour leur résidence administrative.
Dans tous les cas où la résidence administrative de l'intéressé est située en dehors du secteur où il exerce son activité administrative, l'autorisation d'utiliser un véhicule à moteur personnel pour les besoins du service fixera une localité à l'intérieur du secteur, qui servira de point de départ pour le calcul de la longueur des parcours effectués pour les besoins du service.
Dans tous les cas où la résidence administrative de l'intéressé est située en dehors du secteur où il exerce son activité administrative, l'autorisation d'utiliser un véhicule à moteur personnel pour les besoins du service fixera une localité à l'intérieur du secteur, qui servira de point de départ pour le calcul de la longueur des parcours effectués pour les besoins du service.
Art.14_FRANSE_GEMEENSCHAP.
Voor berekening van de kilometervergoedingen wordt als grondslag genomen de werkelijke afstand in kilometers volgens de gevolgde wegen. [1 ...]1.
[1 ...]1/ital}
Voor berekening van de kilometervergoedingen wordt als grondslag genomen de werkelijke afstand in kilometers volgens de gevolgde wegen. [1 ...]1.
[1 ...]1/ital}
Modifications
Art.14_COMMUNAUTE_FRANCAISE.
Les indemnités kilométriques sont calculées en prenant pour base la longueur kilométrique réelle des routes utilisées.[1 ...]1.
[1 ...]1
Les indemnités kilométriques sont calculées en prenant pour base la longueur kilométrique réelle des routes utilisées.[1 ...]1.
[1 ...]1
Modifications
Art. 15. De vergoedingen bepaald in de artikelen 10 en 13 worden uitgekeerd op overlegging van een verklaring op erewoord gestaafd door een omstandige opgave van het aantal voor de dienst afgelegde kilometers.
Art. 15. Les indemnités prévues aux articles 10 et 13 sont liquidées sur production d'une déclaration sur l'honneur, appuyée d'un relevé détaillé établissant le nombre de kilomètres parcourus pour le service.
Art. 15_WAALS_GEWEST. De vergoedingen bepaald in de artikelen 10 en 13 worden uitgekeerd op overlegging van een verklaring op erewoord gestaafd door een omstandige opgave van het aantal voor de dienst afgelegde kilometers.
(De kosten mbt het betaald parkeren, die gedaan zijn bij de uitvoering van een dienstreis, worden vereffend op grond van de afgegeven kwitanties, hetzij tevens als de betaling van de kilometervergoedingen waarop ze betrekking hebben voor de personeelsleden die een vergunning hebben om hun eigen wagen te gebruiken, zoals bedoeld in artikel 12, hetzij op grond van een maandelijkse aangifte van schuldvordering voor de personeelsleden die een vervoermiddel gebruiken dat aan het bestuur toebehoort.)
(De kosten mbt het betaald parkeren, die gedaan zijn bij de uitvoering van een dienstreis, worden vereffend op grond van de afgegeven kwitanties, hetzij tevens als de betaling van de kilometervergoedingen waarop ze betrekking hebben voor de personeelsleden die een vergunning hebben om hun eigen wagen te gebruiken, zoals bedoeld in artikel 12, hetzij op grond van een maandelijkse aangifte van schuldvordering voor de personeelsleden die een vervoermiddel gebruiken dat aan het bestuur toebehoort.)
Art. 15 _REGION_WALLONNE.
Les indemnités prévues aux articles 10 et 13 sont liquidées sur production d'une déclaration sur l'honneur, appuyée d'un relevé détaillé établissant le nombre de kilomètres parcourus pour le service.
(Les frais de parking et de stationnement payant exposés lors de l'accomplissement des déplacements de service sont liquidés sur base des quittances délivrées, soit en même temps que le paiement des indemnités kilométriques auxquelles ils se rapportent pour les agents disposant d'une autorisation d'utiliser leur véhicule à moteur personnel telle que visée à l'article 12, soit sur base d'une déclaration, de créance mensuelle pour les agents utilisant un moyen de transport appartenant à l'administration.)
Les indemnités prévues aux articles 10 et 13 sont liquidées sur production d'une déclaration sur l'honneur, appuyée d'un relevé détaillé établissant le nombre de kilomètres parcourus pour le service.
(Les frais de parking et de stationnement payant exposés lors de l'accomplissement des déplacements de service sont liquidés sur base des quittances délivrées, soit en même temps que le paiement des indemnités kilométriques auxquelles ils se rapportent pour les agents disposant d'une autorisation d'utiliser leur véhicule à moteur personnel telle que visée à l'article 12, soit sur base d'une déclaration, de créance mensuelle pour les agents utilisant un moyen de transport appartenant à l'administration.)
Art. 16. [1 De secretaris-generaal van het ministerie van Landsverdediging, de opperofficieren, de eerste voorzitters en de procureurs-generaal van het Hof van Cassatie en van de Hoven van Beroep, de voorzitter van het College van de hoven en rechtbanken, de voorzitter van het College van het openbaar ministerie, de eerste voorzitter en de auditeur-generaal van de raad van State, de voorzitters van het Grondwettelijk Hof [2 ...]2 mogen voor dienstreizen gebruik maken van hun eigen voertuig.
Zij komen in aanmerking voor de vergoeding op overlegging van een verklaring op erewoord met opgave van het aantal kilometers die in het belang van de dienst worden afgelegd.
De betrokken Minister stelt het toegestane jaarlijkse maximumaantal kilometers vast zonder dat dit maximumaantal meer mag bedragen dan 18.000 kilometer per jaar.]1
Zij komen in aanmerking voor de vergoeding op overlegging van een verklaring op erewoord met opgave van het aantal kilometers die in het belang van de dienst worden afgelegd.
De betrokken Minister stelt het toegestane jaarlijkse maximumaantal kilometers vast zonder dat dit maximumaantal meer mag bedragen dan 18.000 kilometer per jaar.]1
Art. 16. [1 Le secrétaire général du ministère de la Défense, les officiers généraux, les premiers présidents et procureurs généraux de la Cour de Cassation et des Cours d'Appel, le président du collège des cours et tribunaux, le président du collège du ministère public, le premier président et l'auditeur général du conseil d'Etat, les présidents de la Cour constitutionnelle [2 ...]2 sont autorisés à utiliser leur voiture personnelle pour leurs déplacements de service.
Ils bénéficient de l'indemnité sur production d'une déclaration sur l'honneur établissant le nombre de kilomètres parcourus dans l'intérêt de service.
Le Ministre intéressé fixe le maximum kilométrique annuel autorisé sans que ce maximum ne puisse excéder 18.000 kilomètres par an.]1
Ils bénéficient de l'indemnité sur production d'une déclaration sur l'honneur établissant le nombre de kilomètres parcourus dans l'intérêt de service.
Le Ministre intéressé fixe le maximum kilométrique annuel autorisé sans que ce maximum ne puisse excéder 18.000 kilomètres par an.]1
Art. 16bis. <KB 1999-05-26/45, art. 2, Inwerkingtreding : 01-05-1999> In (de federale overheidsdiensten) en de tot het federaal administratief openbaar ambt behorende instellingen van openbaar nut, die een omniumverzekeringspolis hebben aangegaan om de risico's te dekken welke hun ambtenaren lopen die hun voertuig gebruiken voor de behoeften van de dienst, wordt de naamlijst van de ambtenaren die gemachtigd zijn hun persoonlijk voertuig voor de behoeften van de dienst te gebruiken, vooraf geviseerd door de Inspecteur van Financiën of door de afgevaardigde van de Minister van Financiën, aan de verzekeringsmaatschappij overhandigd. <KB 2002-09-05/37, art. 152, Inwerkingtreding : 26-09-2002>
Deze lijst vermeldt per gemachtigde ambtenaar of per dienst het toegestane jaarlijks kilometercontingent; ze vermeldt eveneens het belastbaar vermogen van het voertuig, [1 en eventueel de plaats waar de administratieve standplaats is gevestigd]1.
[1 ...]1
Dit artikel doet geen afbreuk aan de toepassing van artikel 16.
Deze lijst vermeldt per gemachtigde ambtenaar of per dienst het toegestane jaarlijks kilometercontingent; ze vermeldt eveneens het belastbaar vermogen van het voertuig, [1 en eventueel de plaats waar de administratieve standplaats is gevestigd]1.
[1 ...]1
Dit artikel doet geen afbreuk aan de toepassing van artikel 16.
Modifications
Art. 16bis. <AR 1999-05-26/45, art. 2, En vigueur : 01-05-1999> Dans (les services publics fédéraux) et les organismes d'intérêt public appartenant à la fonction publique administrative fédérale qui ont adhéré à une police d'assurance omnium pour couvrir les risques encourus par leurs agents utilisant leur véhicule pour les besoins du service, une liste nominative annuelle des agents habilités à utiliser leur véhicule personnel pour les besoins de service, préalablement visée par l'inspection des finances ou par le délégué du ministre des finances, est transmise à la société d'assurance. <AR 2002-09-05/37, art. 152, En vigueur : 26-09-2002>
Cette liste mentionne par agent habilité ou par service le contingent kilométrique annuel autorisé; elle mentionne également la puissance imposable de la voiture, [1 et, éventuellement, la localité où est fixée la résidence administrative]1.
[1 ...]1
Le présent article ne porte pas préjudice à l'application de l'article 16.
Cette liste mentionne par agent habilité ou par service le contingent kilométrique annuel autorisé; elle mentionne également la puissance imposable de la voiture, [1 et, éventuellement, la localité où est fixée la résidence administrative]1.
[1 ...]1
Le présent article ne porte pas préjudice à l'application de l'article 16.
Modifications
Art. 17. De buitenstaanders die deel uitmaken van commissies of van examencommissies, kunnen door (de voorzitter van het directiecomité of zijn gemachtigde) gemachtigd worden hun eigen wagen te gebruiken om zich naar de zetel te begeven van de commissie of van de examencommissie waarvan zij deel uitmaken. Titularissen van openbare ambten kunnen gemachtigd worden hun eigen voertuig te gebruiken voor toevallige dienstreizen. [1 ...]1 De betrokkenen genieten een vergoeding die gelijk is aan het bedrag dat de Staat zou hebben uitgekeerd ingeval gebruik werd gemaakt van een gemeenschappelijk vervoermiddel. <KB 2008-11-19/30, art. 53, 003; Inwerkingtreding : 01-12-2008>
Modifications
Art. 17. Les personnes étrangères à l'administration faisant partie de commissions ou de jurys peuvent être autorisées par (le président du comité de direction ou son délégué) à utiliser leur voiture personnelle, pour se rendre au siège de la commission ou du jury dont elles font partie. Les titulaires de fonctions publiques peuvent être autorisés à utiliser leur voiture personnelle pour les déplacements de service occasionnels. [1 ...]1 Les intéressés bénéficient d'une indemnité égale au montant qui aurait été déboursé par l'Etat en cas d'utilisation des moyens de transport en commun. <AR 2008-11-19/30, art. 53, 003; En vigueur : 01-12-2008>
Modifications
Art. 17_WAALS_GEWEST. De voorschriften van artikelen 12, 13 en 13bis zijn niet van toepassing op :
1° de personen die geen deel uitmaken van het bestuur maar wel van raden van beroep, commissies of jury's wanneer ze zich begeven naar de raad van beroep, de commissie of de jury waarvan ze deel uitmaken;
2° de personeelsleden die niet beschikken over een vervoermiddel dat aan het bestuur toebehoort of van een vergunning om hun eigen wagen te gebruiken, zoals bedoeld in artikel 12, en die hun eigen wagen af en toe gebruiken voor dienstreizen;
3° de personeelsleden die de door het Gewest georganiseerde vormingen volgen.
In die gevallen komen de betrokkenen in aanmerking voor een vergoeding die gelijk is aan het bedrag dat door het Gewest zou betaald zijn in geval van gebruik van de openbare vervoermiddelen, zoals bedoeld in artikelen 5 tot 8, die ten laste is van het ministerie of de instelling van openbaar nut waarbij het personeelslid tewerkgesteld is of waarvoor de raad van bestuur, de commissie of de jury zitting moet houden.
1° de personen die geen deel uitmaken van het bestuur maar wel van raden van beroep, commissies of jury's wanneer ze zich begeven naar de raad van beroep, de commissie of de jury waarvan ze deel uitmaken;
2° de personeelsleden die niet beschikken over een vervoermiddel dat aan het bestuur toebehoort of van een vergunning om hun eigen wagen te gebruiken, zoals bedoeld in artikel 12, en die hun eigen wagen af en toe gebruiken voor dienstreizen;
3° de personeelsleden die de door het Gewest georganiseerde vormingen volgen.
In die gevallen komen de betrokkenen in aanmerking voor een vergoeding die gelijk is aan het bedrag dat door het Gewest zou betaald zijn in geval van gebruik van de openbare vervoermiddelen, zoals bedoeld in artikelen 5 tot 8, die ten laste is van het ministerie of de instelling van openbaar nut waarbij het personeelslid tewerkgesteld is of waarvoor de raad van bestuur, de commissie of de jury zitting moet houden.
Art. 17 _REGION_WALLONNE.
Les dispositions des articles 12, 13 et 13bis ne sont pas d'application pour :
1° les personnes étrangères à l'administration faisant partie de chambres de recours, de commissions ou de jurys lorsqu'elles se rendent au siège de la chambre de recours, de la commission ou du jury dont elles font partie;
2° les agents qui ne bénéficient pas d'un moyen de transport appartenant à l'administration ou d'une autorisation d'utiliser leur véhicule à moteur personnel, telle que visée à l'article 12, et qui utilisent leur véhicule personnel pour les déplacements de service occasionnels;
3° les agents qui assistent aux formations organisées par la Région.
Dans ces cas, les intéressés bénéficient d'une indemnité, égale au montant qui aurait été déboursé par la Région erg cas d'utilisation des moyens de transport en commun tel que défini par les articles 5 à 8, prise en charge par le ministère ou l'organisme d'intérêt public qui emploie l'agent ou pour qui la chambre de recours, la commission ou le jury doit siéger.
1° les personnes étrangères à l'administration faisant partie de chambres de recours, de commissions ou de jurys lorsqu'elles se rendent au siège de la chambre de recours, de la commission ou du jury dont elles font partie;
2° les agents qui ne bénéficient pas d'un moyen de transport appartenant à l'administration ou d'une autorisation d'utiliser leur véhicule à moteur personnel, telle que visée à l'article 12, et qui utilisent leur véhicule personnel pour les déplacements de service occasionnels;
3° les agents qui assistent aux formations organisées par la Région.
Dans ces cas, les intéressés bénéficient d'une indemnité, égale au montant qui aurait été déboursé par la Région erg cas d'utilisation des moyens de transport en commun tel que défini par les articles 5 à 8, prise en charge par le ministère ou l'organisme d'intérêt public qui emploie l'agent ou pour qui la chambre de recours, la commission ou le jury doit siéger.
HOOFDSTUK III. - Slot- en overgangsbepalingen.
CHAPITRE III. - Dispositions transitoires et finales.
Art. 18_WAALS_GEWEST.
Art. 18 _REGION_WALLONNE.
Art. 18 _FRANSE_GEMEENSCHAP.
Art. 18 _COMMUNAUTE_FRANCAISE.
Art. 19. Het koninklijk besluit van 9 januari 1951 houdende algemene regeling inzake reiskosten, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 31 juli 1952 en 16 februari 1953, wordt opgeheven.
Art. 19. L'arrêté royal du 9 janvier 1951 portant réglementation générale en matière de frais de parcours, modifié par les arrêtés royaux des 31 juillet 1952 et 16 février 1953 est abrogé.
Art. 20. Dit besluit treedt op 1 januari 1965 in werking, met uitzondering van artikel 8 dat uitwerking heeft met ingang van 1 augustus 1964.
Art. 20. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 1965 à l'exception de l'article 8 qui sort ses effets le 1er août 1964.
Art. 21. Onze Ministers zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 21. Nos Ministres sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N_WAALS_GEWEST. Bijlage.
Art. N _REGION_WALLONNE.
Annexe.
Annexe.
Art. N _FRANSE_GEMEENSCHAP.
Bijlage.
Bijlage.
Art. N _COMMUNAUTE_FRANCAISE.
Annexe.
Annexe.